Jeremia 26:19 Betekenis en uitleg van het Bijbelvers

Hebben ook Hizkia, de koning van Juda, en gans Juda hem ooit gedood? Vreesde hij niet den HEERE, en smeekte des HEEREN aangezicht, zodat het den HEERE berouwde over het kwaad, dat Hij tegen hen gesproken had? Wij dan doen een groot kwaad tegen onze zielen.

Vorige vers
« Jeremia 26:18
Volgende vers
Jeremia 26:20 »

Jeremia 26:19 Bijbelcommentaar bij dit vers

Hoofdinterpretatief punt

Jeremia 26:19 zet ons voor een scherpe vergelijking: Had Hizkia, koning van Juda, of heel Juda ooit het oordeel ontlokt door niet te luisteren? De vraag drijft ons naar de kern van berouw en gehoorzaamheid: vreesden zij de HEERE en smeekten zij om genade toen de dreiging nabij kwam? De tekst laat zien dat het menselijk behoud en de publieke zegen afhangen van een oprechte wilsgebonden vrees voor God, die leidt tot smeekbede en bekering in plaats van verzet tegen de boodschappen van de HEERE.

Literaire context

Het Jeremiah-boek balanseert tussen profetische aankondigingen van oordeel en oproepen tot bekering. Jeremia wordt in de tempel geconfronteerd met het gevaar van zijn proclamatie, en deze passage confronteert een concrete historische scenario: zal het volk zich neerbuigen voor de dreiging of het eigen hart nog verder verharden? De retorische vraag over Hizkia en Juda benadrukt de ernst van een collectieve zondige houding tegenover Gods woord. Het benadrukt ook dat berouw geen leeg sentiment is, maar gepaard gaat met bereidwilligheid tot smeekbede en gehoorzaamheid.

Theologische betekenis

Het vers onderstreept dat Gods eis tot berouw niet enkel een oordeel is, maar een uitnodiging tot hulp. Berouw is geen passieve spijt, maar actieve wijding van het hart aan de HEERE. Als Hizkia in de Schrift berouw toonde, werd Gods oordeel tijdelijk beïnvloed of afgewend. De waarschuwing voor “het grote kwaad tegen onze zielen” spreekt over waarachtige zelslot: verharden leidt tot uiteindelijk verlies van zingeving en zegen.

Verbindingen met andere Schriftplaatsen

  • Psalm 51:een voorbeeld van berouw en smeekbede die God behaagt; de kernboodschap is dat oprechte berouw gepaard gaat met tranen van afhankelijkheid van God.
  • Jakobus 4:6-7: gelijke thema’s van nederigheid en afhankelijkheid van God, en oproep tot bekering in het aangezicht van heersende zonde.
  • Nehemia 9:36-37: het volk erkent God als God en belijdt terugkerende zonde; bekering is een weg naar herstel van gemeenschap met God.

Kernverbinding: berouw en smeekbede zijn niet beperkt tot individuen maar vormen ook een volkshouding. De mogelijkheid dat God berouw heeft over het overtrokken oordeel toont zijn trouw en mercie, maar vereist oprechte wilskeuzes van het volk.

Vragen ter bezinning

  • Vraag jezelf af: hoe reageerde Hizkia op bedreigingen door Goddelijke woord? Wat kan ik leren over geloofwaardig smeekgebed?
  • Wanneer is mijn hart geneigd om de stem van God te negeren, en hoe kan ik op een oprechte manier berouw tonen?
  • Wat betekent het voor een gemeenschap om te kiezen voor berouw in plaats van verharding?

Conclusie

Jeremia 26:19 roept ons op tot bereidheid tot berouw wanneer God spreekt, zelfs als dat confronterend is. De herinnering aan Hizkia’s mogelijk berouw en het volk van Juda als geheel benadrukt dat zegen en toekomst afhangen van een oprechte houding van vrezen van de HEERE en smeekbede. Het uiteindelijke doel is een wandel die niet slechts de dreiging ontloopt, maar een diepe, levende afhankelijkheid van Gods genade bevestigt.

Kerncitaten uit openbare, publieke-domain commentaren

Mattheüs Henry: "Berouw is geen schijnbare ootmoed, maar een waarachtige bekering van het hart." (parafrase van zijn algemene nutstelling)

Albert Barnes: “Wanneer de goddelijke toon van waarschuwing gehoord wordt, vereist God een vroegere bekering en afhankelijkheid van Zijn genade.”

Adam Clarke: “Het volk dat berouw toont, ontvangt meestal God’s vergeving en uitstel van oordeel; het verharden leidt tot verder verlies.”

*** Dit commentaar bevat materiaal uit klassieke bronnen die tot het publieke domein behoren. Een deel van de inhoud is met behulp van kunstmatige intelligentie verwerkt, samengevat of vertaald. Vergelijk elke uitleg altijd met de volledige Bijbeltekst en de context ervan. Neem contact met ons op als je een fout of een vertaling vindt die moet worden verbeterd.

Jeremia 26:19 Kruisverwijzingen en verwante Bijbelteksten

Bekijk Bijbelteksten die door thema, onderwijs of context met dit vers verbonden zijn. Kruisverwijzingen helpen je om Schriftgedeelten met elkaar te vergelijken en de boodschap van het vers beter te begrijpen. Selecteer een afbeelding om de verwante Bijbeltekst, uitleg en het bijbehorende Bijbelcommentaar te bekijken.

Exodus 32:14 NLD Afbeelding van een verwant Bijbelvers
Exodus 32:14 (NLD) »
Toen berouwde het den HEERE over het kwaad, hetwelk Hij gesproken had Zijn volk te zullen doen.

2 Samuël 24:16 NLD Afbeelding van een verwant Bijbelvers
2 Samuël 24:16 (NLD) »
Toen nu de engel zijn hand uitstrekte over Jeruzalem, om haar te verderven, berouwde het den HEERE over dat kwaad, en Hij zeide tot den engel, die het verderf onder het volk maakte: Het is genoeg, trek uw hand nu af. De engel des HEEREN nu was bij den dorsvloer van Arauna, den Jebusiet.

2 Kronieken 29:6 NLD Afbeelding van een verwant Bijbelvers
2 Kronieken 29:6 (NLD) »
Want onze vaders hebben overtreden, en gedaan dat kwaad was in de ogen des HEEREN, onzes Gods, en hebben Hem verlaten, en zij hebben hun aangezichten van den tabernakel des HEEREN omgewend, en hebben den nek toegekeerd.

NLD Kies een Bijbelboek