Old Testament
Genesis Exodus Leviticus Numberi Deuteronomium Jozua Richtere Ruth 1 Samuël 2 Samuël 1 Koningen 2 Koningen 1 Kronieken 2 Kronieken Ezra Nehemia Esther Job Psalmen Spreuken Prediker Hooglied Jesaja Jeremia Klaagliederen Ezechiël Daniël Hosea Joël Amos Obadja Jona Micha Nahum Habakuk Zefanja Haggaï Zacharia MaleachiJob 20:22 Uitleg van het Bijbelvers
Job 20:22 Betekenis en uitleg van het Bijbelvers
Als zijn genoegzaamheid zal vol zijn, zal hem bang zijn; alle hand des ellendigen zal over hem komen.
Job 20:22 Bijbelcommentaar bij dit vers
*** Dit commentaar bevat materiaal uit klassieke bronnen die tot het publieke domein behoren. Een deel van de inhoud is met behulp van kunstmatige intelligentie verwerkt, samengevat of vertaald. Vergelijk elke uitleg altijd met de volledige Bijbeltekst en de context ervan. Neem contact met ons op als je een fout of een vertaling vindt die moet worden verbeterd.
Job 20:22 Kruisverwijzingen en verwante Bijbelteksten
Bekijk Bijbelteksten die door thema, onderwijs of context met dit vers verbonden zijn. Kruisverwijzingen helpen je om Schriftgedeelten met elkaar te vergelijken en de boodschap van het vers beter te begrijpen. Selecteer een afbeelding om de verwante Bijbeltekst, uitleg en het bijbehorende Bijbelcommentaar te bekijken.

2 Koningen 24:2 (NLD) »
En de HEERE zond tegen hem de benden der Chaldeen, en de benden der Syriers, en de benden der Moabieten, en de benden der kinderen Ammons, en zond hen tegen Juda, om dat te verderven, naar het woord des HEEREN, dat Hij gesproken had door den dienst Zijner knechten, de profeten.

Job 1:15 (NLD) »
Doch de Sabeers deden een inval, en namen ze, en sloegen de jongeren met de scherpte des zwaards; en ik ben maar alleen ontkomen, om het u aan te zeggen.

Job 1:17 (NLD) »
Als deze nog sprak, zo kwam een ander, en zeide: De Chaldeen stelden drie hopen, en vielen op de kemelen aan, en namen ze, en sloegen de jongeren met de scherpte des zwaards; en ik ben maar alleen ontkomen, om het u aan te zeggen.
Job 20:22 (NLD): Passageuitleg
In Job 20 behandelt Elifaz de oordelen die Gods rechtmatige straffen over de miserabele mens kunnen brengen. Het vers Job 20:22 beschrijft een moment van einde van genoegzaamheid: zodra de mens zijn volle genoegzaamheid heeft bereikt, zal hem bang zijn, en de zondezalig verenigde hand van de verdrukkende omstanders zal op hem neerdalen. In die context geeft dit vers een gefocuste, alledaagse realiteit weer: de mens die vol is van zichzelf, zal in zijn rijkdom en zelfgenoegzaamheid toch onder druk komen te staan door tegenspoed en de hand van het herstel van gerechtigheid.
Kernbetekenis
Het vers suggereert dat een mens, wanneer zijn genoegzaamheid vollijdt, zich plotseling geconfronteerd ziet met vrees en naderende ellende. Het woord “genoegzaamheid” verwijst naar een veronderstelde overvloed die de mens zelfvertrouwen en berusting schenkt. Maar zodra die overvloed vol is, komt de benauwing van de oes van het kwaad – mogelijk de gevolgen van zonde, rijkdom of machtsmisbruik – en dan treedt verontrusting en straf op. De passage wijst op de paring tussen menselijke arrogantie en goddelijke rechtvaardigheid: wie zichzelf te veel vertrouwt, kan de goddelijke correctie niet ontlopen.
Drie thema’s
Verbindende passages
- Psalm 73:3-12: De spreker worstelt met de ogenschijnlijke welvaart van de goddelozen; dit verwoordt de spanning tussen rijkdom en gerechtigheid.
- Spreuken 11:4: Rijkdom zonder gerechtigheid brengt geen rust; ware waarde ligt in een eerbied voor God.
- Prediker 5:9: Rijkdom moet niet tot meedogenloze zelfzucht leiden; arbeid en rechtvaardigheid zijn beter gewaardeerd als doel op zichzelf.
Praktische reflectie
Hoe reageer ik als mijn leven niet verloopt volgens mijn verwachtingen of als voorspoed plotseling ondermijnt wordt? Het vers nodigt uit tot besef dat ware veiligheid niet in middelen ligt, maar in gehoorzaamheid aan God. wanneer rijkdom en zelfvertrouwen ons naar onafhankelijkheid trekken, is het nodig de harthouding te toetsen: dienen we God uit liefde, of zoeken we alleen ons eigen comfort?
Korte samenvatting
Job 20:22 waarschuwt dat een voltooide genot en zelfgenoegzaamheid uiteindelijk vergezeld kan gaan van angst en straf, wanneer de mens zijn zonde en afhankelijkheid van God verzaakt. Het herinnert aan de gevaren van zelfrechtvaardiging door rijkdom en status, en roept op tot nederigheid en trouw aan God, ook in rijkdom en voorspoed.
Bronnen in dezelfde geest: Matthew Henry en Adam Clarke benadrukken dat menselijke trots blootlegt hoe kort-lOp de rust in goddelijke gerechtigheid staat; Albert Barnes wijst op de waarschuwing tegen het vertrouwen op aardse rijkdom zonder de vrees voor God.
Kernverwijzingen