Old Testament
Genesis Exodus Leviticus Numberi Deuteronomium Jozua Richtere Ruth 1 Samuël 2 Samuël 1 Koningen 2 Koningen 1 Kronieken 2 Kronieken Ezra Nehemia Esther Job Psalmen Spreuken Prediker Hooglied Jesaja Jeremia Klaagliederen Ezechiël Daniël Hosea Joël Amos Obadja Jona Micha Nahum Habakuk Zefanja Haggaï Zacharia MaleachiChapter
Jeremia 1 Jeremia 2 Jeremia 3 Jeremia 4 Jeremia 5 Jeremia 6 Jeremia 7 Jeremia 8 Jeremia 9 Jeremia 10 Jeremia 11 Jeremia 12 Jeremia 13 Jeremia 14 Jeremia 15 Jeremia 16 Jeremia 17 Jeremia 18 Jeremia 19 Jeremia 20 Jeremia 21 Jeremia 22 Jeremia 23 Jeremia 24 Jeremia 25 Jeremia 26 Jeremia 27 Jeremia 28 Jeremia 29 Jeremia 30 Jeremia 31 Jeremia 32 Jeremia 33 Jeremia 34 Jeremia 35 Jeremia 36 Jeremia 37 Jeremia 38 Jeremia 39 Jeremia 40 Jeremia 41 Jeremia 42 Jeremia 43 Jeremia 44 Jeremia 45 Jeremia 46 Jeremia 47 Jeremia 48 Jeremia 49 Jeremia 50 Jeremia 51 Jeremia 52Verse
Jeremia 6:1 Jeremia 6:2 Jeremia 6:3 Jeremia 6:4 Jeremia 6:5 Jeremia 6:6 Jeremia 6:7 Jeremia 6:8 Jeremia 6:9 Jeremia 6:10 Jeremia 6:11 Jeremia 6:12 Jeremia 6:13 Jeremia 6:14 Jeremia 6:15 Jeremia 6:16 Jeremia 6:17 Jeremia 6:18 Jeremia 6:19 Jeremia 6:20 Jeremia 6:21 Jeremia 6:22 Jeremia 6:23 Jeremia 6:24 Jeremia 6:25 Jeremia 6:26 Jeremia 6:27 Jeremia 6:28 Jeremia 6:29 Jeremia 6:30



Jeremia 6:3
Waarom dit vers ertoe doet: Jeremia 6:3 geeft een beeld van naderende oordeel en verdeeldheid onder Israël. Herders met hun kudden bouwen kampeerplaatsen rondom de stad om elk gebied af te dekken en over de menigte te waken. Het beeld duidt op een verstrooiing van het volk en een waarschuwing dat buitenste bescherming en nabijheid van leiders niet langer zekerheid bieden zonder berouw en bekering. Voor de lezer vandaag herinnert het ons eraan hoe God’s waarschuwingen soms komen in beelden van dreiging en gestraft handelen, maar ook hoe nabijheid van leiderschap en gemeenschap welvaart kan afdekken als het volk zich tot God keert.
Originale context en hoofdbetekenis
In Jeremia’s tijd waarschuwt de profeet tegen de onveranderlijke hardnekkigheid van Juda en Jeruzalem. De beeldspraak van herders die kampen stichten rondom de stad verwijst naar de machteloosheid van menselijke bescherming wanneer de zonde toeneemt. Een tentenkamp rondom geeft aan dat zelfs een hechte gemeenschap van leiders en dierenherders niet in staat is om veiligheid te garanderen zonder gehoorzaamheid aan God. Het vers onderstreept de ernst van de boodschap: oordeel ligt nabij omdat het volk weigerde terug te keren tot de Heer.
Belangrijkste thematische lijnen
Cross-referenties en korte uitleg
Mattheüs 26:31 – De Profeten voorzegden dat een moeilijke tijd zou komen waarin scheiding en gebrek aan vertrouwen tussen mensen zichtbaar worden; de dynamiek van verzamelingen en scheiden. Dit echoot het idee dat nabijheid en toezicht kwetsbaar kunnen zijn zonder trouw aan God.
Psalm 44:11 – Een vers dat sprak over het wegnemen van bescherming en het afnemen van redding wanneer het volk zich van God afkeert; de boodschap vult Jeremia’s waarschuwing aan.
Spreuken 21:31 – De mens bereidt het strijdtuintje, maar de Heer bepaalt de afloop; dit sluit aan bij het idee dat menselijke hedendaagse bescherming beperkt is als zij niet in navolging van Gods wil staan.
Pastorale en devotionele reflectie
Wanneer wij luisteren naar Jeremia’s beeld, vragen we onszelf af waar we onze toevlucht zoeken: in machtige leiders, in veiligheid van de menigte, in stevige constructen van zorg en budgetten — of zoeken wij de Heer in plaats van uitsluitend te vertrouwen op menselijke middelen? God roept ons op tot berouw en tot ware afhankelijkheid van Zijn genade. De waarschuwing is geen eindpunt van wanhoop, maar een roep tot bekering die leidt tot hernieuwde afhankelijkheid van Hem die ons veiligheid en vrede schenkt.
Kort samengevat: Jeremia 6:3 spreekt over een nabij oordeel dat zichtbaar wordt door rondtrekkende herders en omhullende tenten rondom de stad. Het daagt uit tot ware gehoorzaamheid aan God en tot het zoeken naar Zijn leiding boven menselijke zekerheid.