Old Testament
Genesis Exodus Leviticus Numberi Deuteronomium Jozua Richtere Ruth 1 Samuël 2 Samuël 1 Koningen 2 Koningen 1 Kronieken 2 Kronieken Ezra Nehemia Esther Job Psalmen Spreuken Prediker Hooglied Jesaja Jeremia Klaagliederen Ezechiël Daniël Hosea Joël Amos Obadja Jona Micha Nahum Habakuk Zefanja Haggaï Zacharia MaleachiJob 14:20 Uitleg van het Bijbelvers
Job 14:20 Betekenis en uitleg van het Bijbelvers
Gij overweldigt hem in eeuwigheid, en hij gaat heen; veranderende zijn gelaat, zo zendt Gij hem weg.
Job 14:20 Bijbelcommentaar bij dit vers
*** Dit commentaar bevat materiaal uit klassieke bronnen die tot het publieke domein behoren. Een deel van de inhoud is met behulp van kunstmatige intelligentie verwerkt, samengevat of vertaald. Vergelijk elke uitleg altijd met de volledige Bijbeltekst en de context ervan. Neem contact met ons op als je een fout of een vertaling vindt die moet worden verbeterd.
Job 14:20 Kruisverwijzingen en verwante Bijbelteksten
Bekijk Bijbelteksten die door thema, onderwijs of context met dit vers verbonden zijn. Kruisverwijzingen helpen je om Schriftgedeelten met elkaar te vergelijken en de boodschap van het vers beter te begrijpen. Selecteer een afbeelding om de verwante Bijbeltekst, uitleg en het bijbehorende Bijbelcommentaar te bekijken.

Job 2:12 (NLD) »
En toen zij hun ogen van verre ophieven, kenden zij hem niet, en hieven hun stem op, en weenden; daartoe scheurden zij een ieder zijn mantel, en strooiden stof op hun hoofden naar den hemel.

Job 14:14 (NLD) »
Als een man gestorven is, zal hij weder leven? Ik zou al de dagen mijns strijds hopen, totdat mijn verandering komen zou.

Prediker 8:8 (NLD) »
Er is geen mens, die heerschappij heeft over den geest, om den geest in te houden; en hij heeft geen heerschappij over den dag des doods; ook geen geweer in dezen strijd; ook zal de goddeloosheid haar meesters niet verlossen.
Hoofdinterpretatie
Job 14:20 beschrijft Gods onvergelijke macht over een sterfelijk bestaan: Hij overweldigt de mens voortdurend, en wanneer hij zijn gezicht verandert, zendt Hij hem weg. Het vers benadrukt de soevereine geneigdheid van God om het leven en de gang van een mens te bepalen; het biedt tegelijk een troost dat Gods heerschappij zelfs in verhardende en zwoegende omstandigheden aanwezig is.
Literaire context
Job 14 bevindt zich in een getuigenis van menselijke vergankelijkheid en Gods transcendente macht. Job spreekt over de kortheid van het leven, de machteloosheid van menselijke wijsheid en de onomkoopbare waarheid dat God alle dingen in Zijn hand heeft. Het vers komt na een uitspraak over de verdrukking van de mens en de voorbijgaande aard van vreugde en lijden, waarbij Job uiteindelijk worstelt met de vraag naar recht en voorzienigheid. De formulering “Gij overweldigt hem in eeuwigheid” laat zien dat Gods heerschappij tijd- en eeuwigheidsoverschrijdend is, terwijl “veranderende zijn gelaat” getuigt van Gods veranderende aanpak ten opzichte van de mensheid, maar altijd met een doel vanrichting en vertreksel.
Theologische betekenis
De kern ligt in Gods soevereiniteit over het leven. De uitdrukking roept twee noties op: (1) Gods blijvende overmacht – Hij doet een mens verdwijnen en zet hem uit het aardse bestaan; (2) Gods gerichte omgang – wanneer Zijn aangezicht schaft of verandert, heeft dit betrekking op Zijn oordeel, terechtwijzing of definitieve besluit. Dit benadrukt de ernst van zonde en de beperktheid van menselijk streven zonder Gods gericht toezicht. De passage nodigt uit tot berouw, vertrouwen op Gods orde en erkenning dat het lot in Zijn hand ligt, ook wanneer het menselijk begrip ontbreekt.
Kruisverbanden in de Schrift
Reflectievragen
Concluderende synthese
Job 14:20 leert ons dat God de uiteindelijke Regisseur is van het menselijk bestaan. Zijn macht overschrijdt eeuwigheid, en Zijn veranderlijke aangezicht is geen verlies van controle, maar een teken van Zijn rechtvaardige discipline en doelgerichte voorziening. De mens mag in dit licht stil worden voor Gods heiligheid, zich toewendend tot berouw en vertrouwen in Zijn goede plan, zelfs wanneer het begrip ontbreekt.
Verwijzingen naar oudere commentaren (uit publiek domein)
In navolging van klassieke commentatoren zoals Matthew Henry, Albert Barnes en Adam Clarke worden drie kerninzichten samengebracht:
Opmerking: In dit fragment zijn korte directe verwijzingen naar de genoemde commentatoren opgenomen zonder volledige citatie van lange teksten. Exacte korte uitspraken uit Matthew Henry, Albert Barnes of Adam Clarke worden waar mogelijk als citaten genoemd; er zijn geen volledige verzen uit de bronnen in dit stuk opgenomen.