Old Testament
Genesis Exodus Leviticus Numberi Deuteronomium Jozua Richtere Ruth 1 Samuël 2 Samuël 1 Koningen 2 Koningen 1 Kronieken 2 Kronieken Ezra Nehemia Esther Job Psalmen Spreuken Prediker Hooglied Jesaja Jeremia Klaagliederen Ezechiël Daniël Hosea Joël Amos Obadja Jona Micha Nahum Habakuk Zefanja Haggaï Zacharia MaleachiChapter
Jesaja 1 Jesaja 2 Jesaja 3 Jesaja 4 Jesaja 5 Jesaja 6 Jesaja 7 Jesaja 8 Jesaja 9 Jesaja 10 Jesaja 11 Jesaja 12 Jesaja 13 Jesaja 14 Jesaja 15 Jesaja 16 Jesaja 17 Jesaja 18 Jesaja 19 Jesaja 20 Jesaja 21 Jesaja 22 Jesaja 23 Jesaja 24 Jesaja 25 Jesaja 26 Jesaja 27 Jesaja 28 Jesaja 29 Jesaja 30 Jesaja 31 Jesaja 32 Jesaja 33 Jesaja 34 Jesaja 35 Jesaja 36 Jesaja 37 Jesaja 38 Jesaja 39 Jesaja 40 Jesaja 41 Jesaja 42 Jesaja 43 Jesaja 44 Jesaja 45 Jesaja 46 Jesaja 47 Jesaja 48 Jesaja 49 Jesaja 50 Jesaja 51 Jesaja 52 Jesaja 53 Jesaja 54 Jesaja 55 Jesaja 56 Jesaja 57 Jesaja 58 Jesaja 59 Jesaja 60 Jesaja 61 Jesaja 62 Jesaja 63 Jesaja 64 Jesaja 65 Jesaja 66



Jesaja 55:13 — Een teken dat nooit uitgeroeid zal worden
Het hoofdpunt van deze passage is hoop en vernieuwing: uit wat vroeger onkraakbaar onkies en doornig leek, groeit een bomenrijk beeld van vruchtbaarheid en blijvende gedenkwaardigheid. Gods vervulling van belofte maakt van verlaten plekken iets gezegends: wat ooit scheidslijnen van oordeel droeg, wordt nu een teken van eeuwige naam en herinnering aan de Heere.
Literatorische en historische context
In Jesaja 55 biedt de profeet een uitnodiging tot beklimming van Gods genade: zo’n uitnodiging is geen streng ritualisme, maar een vrijgevig aanbod aan al wie dorst heeft. De volksziel wordt aangemoedigd om de weg van de Heer te zoeken, zonder te betalen met eigen verdiensten. Het beeld van de weigering om hetzelfde vruchtbare patroon voort te zetten – de doorn tegenover de denneboom, de distel tegenover de mirte – markeert een radicaal herstel: een hernieuwde orde waarin onvruchtbaar verleden wordt vervangen door eenlevend leven en vreugdevolle herkenning van Gods Naam.
Theologische betekenis
De tekst wijst op een transformatie die Godswege gebeurt: wat een impliciete verspilling van het land leek, krijgt een doel en een eer. De ‘boom’ en de ‘mirt’ waren symbolen van vruchtbaarheid en zoete geur, maar in dit kader worden ze geherdefinieerd als teken van God's langdurig en onveranderlijk verbond. De frase “tot een naam, tot een eeuwig teken, dat niet uitgeroeid zal worden” onderstreept de duurzaamheid van Gods erfenis bij Zijn volk. Het gaat niet louter om individuele zegeningen, maar om een blijvende herinnering en eerbetoon aan de Heere die Zijn volk tot zegen en getuigenis roept.
Verbindingen met andere Schriftplaatsen
Toepassing: deze verwijzingen benadrukken dat Gods genade niet tijdelijk is, maar een vast fundament biedt voor toekomstig vertrouwen en aanbidding.
Reflectievragen
Aanvullende overwegingen
Bijbellezers vinden in de stemmen vanThomas Henry, Albert Barnes en Adam Clarke waardevolle opmerkingen over symboliek en verwachting, zonder dat hun exacte woorden het centrale begrip vertroebelen. De kern blijft dat God Zijn volk een onuitwisbare erfenis schenkt en dat Zijn werk in mensen leven verlengd wordt tot in de eeuwigheid.
Korte samenvatting
Jesaja 55:13 laat zien dat God een getuigenis schenkt van Zijn vergeving en herstel: wat ooit doornig was, wordt door Zijn kracht en gunst omgevormd tot vruchtbare, blijvende tekenen van Zijn heilige Naam. Het doel is een herinneringsnaam die nooit verdwijnt, een eeuwig teken van Zijn trouw aan Zijn volk.