Old Testament
Genesis Exodus Leviticus Numberi Deuteronomium Jozua Richtere Ruth 1 Samuël 2 Samuël 1 Koningen 2 Koningen 1 Kronieken 2 Kronieken Ezra Nehemia Esther Job Psalmen Spreuken Prediker Hooglied Jesaja Jeremia Klaagliederen Ezechiël Daniël Hosea Joël Amos Obadja Jona Micha Nahum Habakuk Zefanja Haggaï Zacharia MaleachiVerse
Romeinen 1:1 Romeinen 1:2 Romeinen 1:3 Romeinen 1:4 Romeinen 1:5 Romeinen 1:6 Romeinen 1:7 Romeinen 1:8 Romeinen 1:9 Romeinen 1:10 Romeinen 1:11 Romeinen 1:12 Romeinen 1:13 Romeinen 1:14 Romeinen 1:15 Romeinen 1:16 Romeinen 1:17 Romeinen 1:18 Romeinen 1:19 Romeinen 1:20 Romeinen 1:21 Romeinen 1:22 Romeinen 1:23 Romeinen 1:24 Romeinen 1:25 Romeinen 1:26 Romeinen 1:27 Romeinen 1:28 Romeinen 1:29 Romeinen 1:30 Romeinen 1:31 Romeinen 1:32



Romeinen 1:20 (NLD)
“Want Zijn onzienlijke dingen worden, van de schepping der wereld aan, uit de schepselen verstaan en doorzien, beide Zijn eeuwige kracht en Goddelijkheid, opdat zij niet te verontschuldigen zouden zijn.”
Het onmiddellijke kader
Deze verzen vallen in de eerste hoofdstuk van Romeinen, waar Paulus de menselijke schuld en de universele openbaring van Gods Rijk bespreekt. Vers 20 volgt op de stelling dat wat men over God weet, zichtbaar is in wat Hij heeft geschapen. De schepping getuigt van Zijn macht en Zijn goddelijkheid, zodat mensen niet zonder verantwoording kunnen blijven voor God. Het doel is duidelijk: de mens wordt verantwoordelijk gehouden omdat Gods aards zichtbare rijkdom en scheppingsorde zichtbaar zijn.
Wat dit vers onthult over God en het geloof
Het centrale punt is dat God zichzelf openbaar maakt aan alle mensen door de schepping. Zijn eeuwige kracht en Zijn goddelijkheid zijn geen verborgen mysteries voor hen die kijken; ze zijn zichtbaar geworden in en door de schepping. Het woord “onzienlijke dingen” verwijst naar de grote, buitengewoon glanzende kenmerken van God die buiten menselijke begrip rijzen maar toch waarneembaar zijn. Zo wordt geloof geen blinde hoop, maar een redelijke reactie op een duidelijke getuigenis van Gods macht en karakter.
Woordverklaringen en beeldspraak
Verwante passages
• Kolossenzen 1:16-17 bevestigt dat alle dingen bestaan door Hem en tot Hem gericht zijn. Dit onderstreept dat de schepping vollediger gericht is op Gods doel en dat Zijn aanwezigheid in de schepping een basis biedt voor menige waardering en aanbidding.
• Psalm 19:1-2 laat dezelfde gedachte zien: De hemel spreekt van de glorie van God en het firmament verkondigt Zijn handenwerk. Die getuigenis kent geen grens, ook al ontbreekt direct openbaring.
• Jesaja 40:26nders geeft aan dat God’s schepping Zijn kracht en majesteit toont; de schepping is een getuigenis aan de mens over Zijn grootheid.
Toepassing voor vandaag
De passage daagt ons uit om aandachtig te kijken naar de schepping en daardoor de Schepper te leren kennen. Het laat zien dat geloof begint bij herkenning van God’s macht en goddelijkheid in de natuurlijke orde, voordat het persoonlijk gericht wordt op Christus en het evangelie. Het is geen scepsis tegenover wetenschap, maar een uitnodiging om wetenschap en natuur te zien als een brug naar aanbidding en afhankelijkheid van God.
Kernpunten in één oogopslag
Cross-referenties: Kolossenzen 1:16-17; Psalm 19:1-2; Jesaja 40:26. Deze passages versterken het begrip dat Gods grootheid zichtbaar is in de schepping en de mens uitnodigt tot aanbidding en gehoorzaamheid.
Opmerking: Eerdere openbare commentaren (zoals Matthew Henry, Albert Barnes en Adam Clarke) benadrukken ook dat de schepping een duidelijke getuigenis levert, waardoor mensen verantwoordelijkheid dragen voor hun antwoord aan God. Een beknopte zin uit Adam Clarke: dat de schepping een “bewijszitting” is waarin God zichzelf bekendmaakt aan de ziel die kijken wil.