Old Testament
Genesis Exodus Leviticus Numberi Deuteronomium Jozua Richtere Ruth 1 Samuël 2 Samuël 1 Koningen 2 Koningen 1 Kronieken 2 Kronieken Ezra Nehemia Esther Job Psalmen Spreuken Prediker Hooglied Jesaja Jeremia Klaagliederen Ezechiël Daniël Hosea Joël Amos Obadja Jona Micha Nahum Habakuk Zefanja Haggaï Zacharia MaleachiChapter
Openbaring 1 Openbaring 2 Openbaring 3 Openbaring 4 Openbaring 5 Openbaring 6 Openbaring 7 Openbaring 8 Openbaring 9 Openbaring 10 Openbaring 11 Openbaring 12 Openbaring 13 Openbaring 14 Openbaring 15 Openbaring 16 Openbaring 17 Openbaring 18 Openbaring 19 Openbaring 20 Openbaring 21 Openbaring 22Verse
Openbaring 21:1 Openbaring 21:2 Openbaring 21:3 Openbaring 21:4 Openbaring 21:5 Openbaring 21:6 Openbaring 21:7 Openbaring 21:8 Openbaring 21:9 Openbaring 21:10 Openbaring 21:11 Openbaring 21:12 Openbaring 21:13 Openbaring 21:14 Openbaring 21:15 Openbaring 21:16 Openbaring 21:17 Openbaring 21:18 Openbaring 21:19 Openbaring 21:20 Openbaring 21:21 Openbaring 21:22 Openbaring 21:23 Openbaring 21:24 Openbaring 21:25 Openbaring 21:26 Openbaring 21:27

Openbaring 21:26 — De heerlijkheid en eer der volken
Deze verswijzing laat zien hoe de volmaaktheid van de nieuw Jeruzalem toerust is om de glorie van alle volken in goddelijke orde te ontvangen. Het toont de einddoelwaarheid dat in het eeuwige huis van God geen enkel volk overbodig is, maar juist opgenomen wordt in de volheid van eer en aanbidding die God toebehoort. Voor de lezer biedt dit vers troost en verwachting: de heilsgeschiedenis keert terug naar Gods volkomen luister, waarin alle naties hun eerste en laatste adem inbreng bij Hem brengen.
Context en hoofdboodschap
Openbaring 21 beschrijft de culminatie van Gods plan: de volmaaktheid van de nieuw hemel en de nieuwe aarde, en de komst van de heilige stad, het Nieuwe Jeruzalem. In voorgaande verzen wordt verteld hoe de stad een scheidswands- en oorverdovend volk kan waarderen: geen tranen, geen lijden, geen vloek meer. Vers 26 vertelt hoe de volken—niet slechts individuele gelovigen maar de collectieve, diverse mensheid—haar eer en heerlijkheid in de stad zullen brengen. Het woord “breng” wijst op een gerichte, eerbiedige offertie van wat mensen tot God brengen (erkenning, lof, daden van gerechtigheid) als een vorm van aanbidding die te midden van het voltooide heil plaatsvindt.
Wat wordt bedoeld met “de heerlijkheid en de eer der volken”?
In Bijbelse visie zijn volkeren cultureel verschillend en rijk aan glorie. De nieuw Jeruzalem ontvangt deze rijkdom niet als vreemd goddeloosheid, maar als eerbewijs van Gods genade die de naties heeft aangeraakt. De zin laat zien dat de verlossing niet beperkt blijft tot een enkel volk, maar alle naties meeneemt in eerbied en aanbidding. Marcus van Openbaring benadrukt telkens dat de volken zich eindelijk volkomen zullen voegen bij Gods koninkrijk en hem zullen loven in waarheid en licht.
Theologische accenten en samenhang
- Koninkrijk van God breidt zich uit over alle volken: geen exclusieve binding, maar universale verlossing. Cross-referentie: Jesaja 2:2-3; Psalm 22:27-28.
- Eerbiedige aanbidding als doel van de schepping: de laatste staat van lofprijzing, waar elke tong en elk volk erkent dat Christus Heer is.
- De glorieuze gemeenschap van heiligen: de volken die in eerbied samenkomen met de bewoners van de stad, in eenheid van geloof en aanbidding.
Korte cross-referenties en toelichting
Deze verwijzingen versterken het beeld dat de heerlijkheid van God niet beperkt blijft tot één volk, maar zich uitstrekt naar alle volken die in harmonie en aanbidding tot hem komen.
Een korte devotionele afsluiting
Wat Openbaring 21:26 ons herinnert, is dat Gods groot plan niet statisch maar groeiend is: de eer der volken wordt gebracht als een schaars en stralend bewijs van Zijn genade. We worden uitgedaagd om nu al te leven als getuigen van die toekomst – in rechtvaardigheid, liefde en waarachtige aanbidding. Laat ons, in ons dagelijkse leven, de eer van God zoeken door barmhartigheid en gerechtigheid te tonen aan allen, zodat onze eigen dagen nu al een afspiegeling zijn van de heerlijke toekomst waarin alle volken tot God zullen komen en Hem zullen eren.
Opmerking bij citaten: Er zijn geen directe lange citaten uit Matthew Henry, Albert Barnes of Adam Clarke in deze sectie gebruikt. Eventuele korte parafrases zijn ingebed in eigen woorden met verwijzing naar algemene thema’s uit hun commentaren. De thema’s sluiten aan bij hen: universaliteit van de verlossing (Barnes/Clarke), praktische vermaning tot heilig leven (Henry), en het beeld van volheid van lofpraises in de eindtijd (Clarke/Henry).