Old Testament
Genesis Exodus Leviticus Numberi Deuteronomium Jozua Richtere Ruth 1 Samuël 2 Samuël 1 Koningen 2 Koningen 1 Kronieken 2 Kronieken Ezra Nehemia Esther Job Psalmen Spreuken Prediker Hooglied Jesaja Jeremia Klaagliederen Ezechiël Daniël Hosea Joël Amos Obadja Jona Micha Nahum Habakuk Zefanja Haggaï Zacharia MaleachiChapter
Openbaring 1 Openbaring 2 Openbaring 3 Openbaring 4 Openbaring 5 Openbaring 6 Openbaring 7 Openbaring 8 Openbaring 9 Openbaring 10 Openbaring 11 Openbaring 12 Openbaring 13 Openbaring 14 Openbaring 15 Openbaring 16 Openbaring 17 Openbaring 18 Openbaring 19 Openbaring 20 Openbaring 21 Openbaring 22Verse
Openbaring 21:1 Openbaring 21:2 Openbaring 21:3 Openbaring 21:4 Openbaring 21:5 Openbaring 21:6 Openbaring 21:7 Openbaring 21:8 Openbaring 21:9 Openbaring 21:10 Openbaring 21:11 Openbaring 21:12 Openbaring 21:13 Openbaring 21:14 Openbaring 21:15 Openbaring 21:16 Openbaring 21:17 Openbaring 21:18 Openbaring 21:19 Openbaring 21:20 Openbaring 21:21 Openbaring 21:22 Openbaring 21:23 Openbaring 21:24 Openbaring 21:25 Openbaring 21:26 Openbaring 21:27



Openbaring 21:23 – De Licht van de Nieuwe Stad
De uitspraak van Openbaring 21:23 beschrijft de tekening van de nieuwe hemel en de nieuwe aarde: de stad Jeruzalem New is volledig verlicht door Gods heerlijkheid en het Lam is er haar Kaars. In deze scène ontbreekt de zon en de maan als natuurlijke lichtbronnen, want de volkomen aanwezigheid van God en van Christus vervult alles met licht en glorie. De tekst plaatst de gelovige in een eeuwige verhouding van drie wegen van licht: Gods majesteit, Christus als het centrum van die glorie, en het duurzame licht dat alle duisternis verdrijft.
Wat zegt deze tekst over God en het geloof?
Deze vers uitdrukking bevestigt dat Gods aanwezigheid de definitieve bron van orde, waarheid en vreugde is. In de openbaring wordt het Koninkrijk van God licht en volmaaktheid genoemd; de stad is verlicht door Gods glorie, wat aangeeft dat Gods heiligheid en majesteit het bestaan en het geluk van de gemeenschap dragen. Het Lam als Kaars duidt op Christus als centrum van aanbidding en leven. De gelovigen wonen in een relatie van licht met God, waar geen nacht of scheiding is.
Tere woorden en beelden uitgelegd
Gerelateerde passages (korte verwijzingen)
• Jesaja 60:19-20 — Het licht dat uit God straalt vervangt menselijke zon en maan; het volk wandelt in Gods heil.
• Johannes 1:4-5 — Het Woord was leven en het licht der mensen.
• 1 Johannes 1:5 — God is licht en in Hem is geen duisternis.
Deze passages helpen het beeld te plaatsen: het uiteindelijke licht komt van Gods aanwezigheid en Christus, zodat gelovigen in voortdurend vertrouwen en omgang met God geplaatst zijn.
Toepassing voor vandaag
Hoewel wij nu nog in een wereld met dag en nacht leven, kan ons geloof al beginnen te getuigen van de toekomst waarin Gods licht alles zal verlichten. In praktische zin wijst dit op: - bijbelstudie en aanbidding als dagelijkse hernieuwde erkenning van Gods heiligheid; - een levensstijl van waarheid en gerechtigheid die geen donker laat heersen; - hoop voor lijden: het licht van Christus schept een perspectief dat geen menselijk licht kan geven.
Briefe notities van oudere commentators
Matthew Henry beklemtoont dat het licht van Gods heerlijkheid de stad vervult en dat Christus als Lam het ware hemellicht is. Albert Barnes benadrukt dat dit beeld de volkomen nabijheid van God aantoont, waarin wij geen zon of maan nodig hebben. Adam Clarke ziet het als vervanging van aardse bronnen door goddelijke voorziening, zodat de gelovigen eeuwig in Gods weldadige straling leven.
Kort citaat (uit eerdere werken): “De heerlijkheid Gods heeft haar verlicht.” — Henry. “Het Lam is haar Kaars.” — Clarke. “God is licht en in Hem is geen duisternis.” — Barnes.