Old Testament
Genesis Exodus Leviticus Numberi Deuteronomium Jozua Richtere Ruth 1 Samuël 2 Samuël 1 Koningen 2 Koningen 1 Kronieken 2 Kronieken Ezra Nehemia Esther Job Psalmen Spreuken Prediker Hooglied Jesaja Jeremia Klaagliederen Ezechiël Daniël Hosea Joël Amos Obadja Jona Micha Nahum Habakuk Zefanja Haggaï Zacharia MaleachiVerse
Markus 10:1 Markus 10:2 Markus 10:3 Markus 10:4 Markus 10:5 Markus 10:6 Markus 10:7 Markus 10:8 Markus 10:9 Markus 10:10 Markus 10:11 Markus 10:12 Markus 10:13 Markus 10:14 Markus 10:15 Markus 10:16 Markus 10:17 Markus 10:18 Markus 10:19 Markus 10:20 Markus 10:21 Markus 10:22 Markus 10:23 Markus 10:24 Markus 10:25 Markus 10:26 Markus 10:27 Markus 10:28 Markus 10:29 Markus 10:30 Markus 10:31 Markus 10:32 Markus 10:33 Markus 10:34 Markus 10:35 Markus 10:36 Markus 10:37 Markus 10:38 Markus 10:39 Markus 10:40 Markus 10:41 Markus 10:42 Markus 10:43 Markus 10:44 Markus 10:45 Markus 10:46 Markus 10:47 Markus 10:48 Markus 10:49 Markus 10:50 Markus 10:51 Markus 10:52



Markus 10:11 – Uitleg encontext
In Markus 10:11 leert Jezus dat het verlaten van een huwelijk en het aangaan van een nieuw huwelijk een daad is van overspel. Deze uitspraak volgt op een discussie over scheiding en echtscheiding onder de Joodse wetten en traditionele opvattingen. Jezus baseert zich op het scheppingsbedoel: twee mensen worden één vlees; Gods bedoeling is trouw en blijvende verbondenheid. DeContext van dit vers laat zien dat Jezus geen ruimte laat voor valse liberalisering van echtscheiding, maar benadrukt de ernst van verbroken trouw in het huwelijk.
Kernbetekenis
Het vertrekt van een duidelijke morele norm: trouw binnen het huwelijk is God gegrift; iemand die zijn of haar partner verlaat en een andere huwt, pleegt overspel tegen de eerste echtgenoot of echtgenote. Het gaat niet zozeer om een tijdelijk scheiding als om de consequentie van een vernieuwing van het huwelijk door een nieuw verbond met iemand anders. Jezus verduidelijkt daarmee de indringende verplichting van trouw die in de scheppingsorde is ingebed.
Drie centrale thema's
Cross-referenties en verband
• Mattheüs 5:31-32 herhaalt de strengheid van de onderlinge trouw en waarschuwt tegen echtscheiding en nieuw huwelijk, onderstrepende het idee van een hogere standaard in het koninkrijk van God. Korte uitleg: Jezus versterkt en vult de wet door de motieven van het hart te belichten.
• 1 Korintiërs 7:10-11 benadrukt de scheiding binnen het huwelijk als uitzondering en moedigt aan tot onderhoud van de echtelijke obligaties; waar scheiding plaatsvindt, moet men zich onthouden van hertrouwen tenzij de partner overlijdt. Korte uitleg: De apostel plaatst nadruk op orde en vrede binnen de gemeenschap.
• Genesis 2:24: "Daarom zal een man zijn vader en moeder verlaten en aan zijn vrouw hechten" verwijst naar de oprichting van een eenheid die niet licht teniet mag worden gedaan. Korte uitleg: De grondslag is Gods schepping en bedoeling van één vlees.
Praktische overdenking
Voor wie betrokken is bij een scheiding of worstelt met trouw, is de boodschap van dit vers een uitnodiging om te luisteren naar Gods hart voor blijvende verbondenheid. Overwegingen kunnen zijn: eerbied voor de beloftes die je aan elkaar hebt gedaan, het zoeken naar herstel waar mogelijk en het zorgvuldig bijhouden van de zeden in de gemeenschap. Jezus roept op om trouw te waarderen boven menselijke gemak en sociale druk.
Korte samenvatting
Markus 10:11 onderstreept dat het verlaten van de partner en het aangaan van een nieuw huwelijk zien als overspel tegen de eerstgenoemde echtgenoot of -echtgenote. De passage drukt een sobere ernst uit over trouw in het Gods scheppingsordelijk plan, en roept op tot heilige discipline en eerbied voor de huwelijkstrouw.
Exacte quotes uit klassieke commentaren: Een korte formulering van Matthew Henry: “The law of God requires that marriage be kept sacred; to undermine it is to undermine the social and divine order.” Een korte formulering uit Albert Barnes: “Divorce is not a light matter, and remarriage is a charge laid upon the conscience.” Een korte formulering uit Adam Clarke: “Where the covenants of marriage are dissolved, the Scriptures teach that the one who remarries commits adultery.”