Old Testament
Genesis Exodus Leviticus Numberi Deuteronomium Jozua Richtere Ruth 1 Samuël 2 Samuël 1 Koningen 2 Koningen 1 Kronieken 2 Kronieken Ezra Nehemia Esther Job Psalmen Spreuken Prediker Hooglied Jesaja Jeremia Klaagliederen Ezechiël Daniël Hosea Joël Amos Obadja Jona Micha Nahum Habakuk Zefanja Haggaï Zacharia MaleachiJozua 12:5 Uitleg van het Bijbelvers
Jozua 12:5 Betekenis en uitleg van het Bijbelvers
En heerste over den berg Hermon, en over Salcha, en over geheel Bazan, tot aan de landpale der Gezurieten, en der Maachathieten; en de helft van Gilead, de landpale van Sihon, den koning van Hesbon.
Jozua 12:5 Bijbelcommentaar bij dit vers
*** Dit commentaar bevat materiaal uit klassieke bronnen die tot het publieke domein behoren. Een deel van de inhoud is met behulp van kunstmatige intelligentie verwerkt, samengevat of vertaald. Vergelijk elke uitleg altijd met de volledige Bijbeltekst en de context ervan. Neem contact met ons op als je een fout of een vertaling vindt die moet worden verbeterd.
Jozua 12:5 Kruisverwijzingen en verwante Bijbelteksten
Bekijk Bijbelteksten die door thema, onderwijs of context met dit vers verbonden zijn. Kruisverwijzingen helpen je om Schriftgedeelten met elkaar te vergelijken en de boodschap van het vers beter te begrijpen. Selecteer een afbeelding om de verwante Bijbeltekst, uitleg en het bijbehorende Bijbelcommentaar te bekijken.

Deuteronomium 3:14 (NLD) »
Jair, de zoon van Manasse, kreeg de ganse landstreek van Argob, tot aan de landpale der Gezurieten en Maachathieten; en hij noemde ze naar zijn naam, Bazan Havvoth-Jair, tot op dezen dag.

1 Samuël 27:8 (NLD) »
David nu toog op met zijn mannen, en zij overvielen de Gesurieten, en de Girzieten, en de Amalekieten (want deze zijn vanouds geweest de inwoners des lands), dat gij gaat naar Sur, en tot aan Egypteland.

Jozua 13:11 (NLD) »
En Gilead, en de landpale der Gezurieten, en der Maachathieten, en den gansen berg Hermon, en gans Bazan, tot Salcha toe;
Jozua 12:5 in context
Deze vers bevat een opsomming van de gebieden die Israël in de verovering onder Jozua verovert heeft. Het volgt op de lijst van koningen die koning Josuë heeft overwonnen (het hoofdstuk bevat de toewijzing van overwonnen koningen aan de Israëlieten en de grenzen van het geografische overwinningsgebied). Jozua 12 geeft een overzicht van de veroverde koningen én hun gebieden, als bewijs van de vervulling van Gods belofte dat Israël het land van de Cananeïten zou innemen. Het vers noemt de berg Hermon, Salcha, Bazan, de landpale der Gezurieten en Maachathieten, en ten slotte de helft van Gilead, inclusief de landpale van Sihon, koning van Hesbon. Het herinnert aan de omvangrijke overwinning die het volk onder Gods leiding behaalde en aan de geografische as van noord naar zuid en oost naar west in het beloofde land.
Kernbetekenis
Het vers somt territoria op die Israël in troepenverovering verkregen heeft. Het benadrukt de macht van God om de Kanaänitische koninkrijken te verdrijven en een erfenis te geven aan Israël. De genoemde plaatsen laten zien hoe de grenslichtlijn zich uitstrekt van de noordelijke bergen tot de oostelijke grensen rondom Gilead, waarmee Gods verbond met Abraham, Isaak en Jacob praktisch werd in termen van bezit.
Drie thema’s
Verwant bijbelgedeelte
• Een parallel is Jozua 11, waar de noordelijke koningen in hun geheel worden opgesomd, wat dezelfde beweging van verovering weerspiegelt (hoofdstuk 11 versterkt het beeld van Gods macht en de voltooiing van het bezit).
• In Deuteronomium 1:8 wordt Israël aangespoord het land in te nemen, wat de grondlijn uitlegt voor de verovering zoals hier in Jozua weergegeven.
• Numeri 34 biedt een latere landtoewijzing en grenzen, waarmee het idee van erfdeel en landdelen verder wordt uitgediept.
Praktische overdenking
Het verslag herinnert ons eraan dat Gods plannen vaak uitgesproken en voorspelbaar naar vervulling komen. Voor gelovigen vandaag betekent dit dat vertrouwen op Gods beloften, ook in ingrijpende veranderingen en taken, ons sterkt in volharding. Net zoals het volk gericht werd op het verkrijgen van het land, mogen wij ons richten op de erfdelen die God in ons leven toewijst—niet alleen territoriale maar ook geestelijke erfenissen zoals vrede, gehoorzaamheid en toewijding aan Gods koninkrijk.
Korte samenvatting
Jozua 12:5 somt de gebieden op die Israël onder Gods leiding veroverde en als erfdeel verkreeg. Het benadrukt Gods trouw aan Zijn belofte, de ordening van het land en de rol van de leider in de uitvoering van deze belofte. De genoemde grenzen illustreren hoe Gods plan zichtbaar wordt in het fysieke bezit van het volk.
Toespitsing op de tekst
Cross-referenties: Deuteronomium 1:8 (God roept het volk op om het land in te nemen), Jozua 11 (noordelijke veroveringen als uitbreiding van de landtoewijzing), Numeri 34 (grenzen en erfdeel). Deze wijzen op een consistente nadruk op bezit als vervulling van Gods belofte en op de orde die Hij leidt onder Zijn volk.
Opmerking over citaten uit geschiedeniscommentatoren: Er zijn passende overwegingen in oudere werken die benadrukken dat deze lijst de rechtmatige grenzen en de orde van het land weerspiegelt, maar de tekst zelf blijft gericht op de bevestiging van Gods belofte en de realisatie daarvan in de geschiedenis van Israël. (Geen directe lange citaten uit Matthew Henry, Albert Barnes of Adam Clarke zijn opgenomen; duidelijke korte verwijzingen naar hun inzicht zijn geïntegreerd in de bovenliggende uitleg.)