Old Testament
Genesis Exodus Leviticus Numberi Deuteronomium Jozua Richtere Ruth 1 Samuël 2 Samuël 1 Koningen 2 Koningen 1 Kronieken 2 Kronieken Ezra Nehemia Esther Job Psalmen Spreuken Prediker Hooglied Jesaja Jeremia Klaagliederen Ezechiël Daniël Hosea Joël Amos Obadja Jona Micha Nahum Habakuk Zefanja Haggaï Zacharia MaleachiJob 5:5 Uitleg van het Bijbelvers
Job 5:5 Betekenis en uitleg van het Bijbelvers
Wiens oogst de hongerige verteerde, dien hij ook tot uit de doornen gehaald had; de struikrover slokte hun vermogen in.
Job 5:5 Bijbelcommentaar bij dit vers
*** Dit commentaar bevat materiaal uit klassieke bronnen die tot het publieke domein behoren. Een deel van de inhoud is met behulp van kunstmatige intelligentie verwerkt, samengevat of vertaald. Vergelijk elke uitleg altijd met de volledige Bijbeltekst en de context ervan. Neem contact met ons op als je een fout of een vertaling vindt die moet worden verbeterd.
Job 5:5 Kruisverwijzingen en verwante Bijbelteksten
Bekijk Bijbelteksten die door thema, onderwijs of context met dit vers verbonden zijn. Kruisverwijzingen helpen je om Schriftgedeelten met elkaar te vergelijken en de boodschap van het vers beter te begrijpen. Selecteer een afbeelding om de verwante Bijbeltekst, uitleg en het bijbehorende Bijbelcommentaar te bekijken.

Klaagliederen 2:16 (NLD) »
Pe. Al uw vijanden sperren hun mond op over u, zij fluiten en knersen met de tanden, zij zeggen: Wij hebben haar verslonden; dit is immers de dag, dien wij verwacht hebben, wij hebben hem gevonden, wij hebben hem gezien.

Hosea 8:7 (NLD) »
Want zij hebben wind gezaaid, en zullen een wervelwind maaien; het zal geen staande koren hebben, het uitspruitsel zal geen meel maken; of het misschien maakte, vreemden zullen het verslinden.

Jeremia 51:44 (NLD) »
En Ik zal bezoeking doen over Bel te Babel, en Ik zal uit zijn muil uithalen, wat hij verslonden heeft; en de heidenen zullen niet meer tot hem toevloeien, want ook Babels muur is gevallen.
Job 5:5 in context
In het boek Job zoekt de spreker naar een rechtvaardige orde in het lijden en de onrechtvaardigheid die Job ontmoet. Dit vers is onderdeel van een rij van reddingslijnen die Elifaz aanbiedt: constatering van ongerechtigheden die leiden tot plotseling verlies en hongerende armoede, maar ook de werking van Gods rechtvaardige afrekening daarin. Het beeld van iemand die de oogst eet die de hongerige had bedoeld, maar die uiteindelijk zijn eigen vermogen verliest, onderstreept de vergankelijkheid van menselijk succes zonder Gods leiding.
Kernboodschap
De verwoestende gevolgen van onverlaat handelen: wie het andermans brood probeert te plunderen, zinkt zelf in armoede. God keurt geen willekeurige overheersing goed; de mens moet rekenen op rechtvaardigheid en voorzienigheid. Het vers wijst op de orde waarin het kwaad uiteindelijk zichzelf cascoert en verarmt, terwijl gerechtigheid en voorzienigheid van God de uiteindelijke balans brengen.
Drie centrale thema's
Verbindingen met andere passages
- Spreuken over het dragen van de gevolgen van oneerlijk handelen en de zegen of vloek die daarmee gepaard gaat. Een waarschuwing tegen het misbruiken van het zwakke voor eigen gewin.
- Predikerachtige opmerkingen over het onrecht van de wereld en de roep tot vertrouwen op Gods rechtvaardigheid, die uiteindelijk orde zal brengen in alle dingen.
- Psalmische worsteling met de vraag waarom de tiranniekheid lijkt te zegevieren, gevolgd door bevestiging dat God uiteindelijk recht heeft en redding schenkt aan de rechtvaardige.
Praktische reflectie
Het vers nodigt uit tot introspectie: hoe omgaan met rijkdom en bezit in eerlijkheid? Wanneer we zien dat iemand vriendelijk zijn ogen sluit voor de armen, herinnert dit ons aan ons eigen verantwoordelijkheidsgevoel: zorg voor naasten, erken dat rijkdom tijdelijk is en Gods orde uiteindelijk heerst. Leven met integriteit en vertrouwen in Gods voorzienigheid biedt rust temidden van onrecht.
Cross-referenties en korte toelichting
- Job 27:8-9 (toelichting op de vergankelijkheid van welvaart zonder gerechtigheid): toont dat ware zekerheid niet ligt in rijkdom maar in God.
- Spreuken 22:22-23 (waarschuwing tegen het beroven van de armsten): benadrukt dat rechtvaardig handelen de basis is van gemeenschapsleven.
- Psalm 37:16-17 (kleine maar diepe zegen van de rechtschapenheid): illustreert hoe de rechtvaardige uiteindelijk meer heeft door Gods tucht en zegeningen.
Eenvoudige samenvatting
Job 5:5 leert dat iemand die ten koste van anderen handelt uiteindelijk zelf verarmt, terwijl Gods rechtvaardigheid en voorzienigheid het ware behouden brengen. Het roept op tot eerlijkheid, zorg voor de armen en vertrouwen op Gods orde in het leven.
Opmerkelijke historische inzichten van oudere commentatoren verwoorden onder meer dat rovers het eigen vermogen verspillen en dat de noodzakelijke gerechtigheid uiteindelijk wordt geopenbaard door God’s heerschappij. (Merk op: uitspraken van Matthew Henry, Albert Barnes en Adam Clarke zijn opgenomen als korte referenties, indien aanwezig.)