Old Testament
Genesis Exodus Leviticus Numberi Deuteronomium Jozua Richtere Ruth 1 Samuël 2 Samuël 1 Koningen 2 Koningen 1 Kronieken 2 Kronieken Ezra Nehemia Esther Job Psalmen Spreuken Prediker Hooglied Jesaja Jeremia Klaagliederen Ezechiël Daniël Hosea Joël Amos Obadja Jona Micha Nahum Habakuk Zefanja Haggaï Zacharia MaleachiJob 12:14 Uitleg van het Bijbelvers
Job 12:14 Betekenis en uitleg van het Bijbelvers
Ziet, Hij breekt af, en het zal niet herbouwd worden; Hij besluit iemand, en er zal niet opengedaan worden.
Job 12:14 Bijbelcommentaar bij dit vers
*** Dit commentaar bevat materiaal uit klassieke bronnen die tot het publieke domein behoren. Een deel van de inhoud is met behulp van kunstmatige intelligentie verwerkt, samengevat of vertaald. Vergelijk elke uitleg altijd met de volledige Bijbeltekst en de context ervan. Neem contact met ons op als je een fout of een vertaling vindt die moet worden verbeterd.
Job 12:14 Kruisverwijzingen en verwante Bijbelteksten
Bekijk Bijbelteksten die door thema, onderwijs of context met dit vers verbonden zijn. Kruisverwijzingen helpen je om Schriftgedeelten met elkaar te vergelijken en de boodschap van het vers beter te begrijpen. Selecteer een afbeelding om de verwante Bijbeltekst, uitleg en het bijbehorende Bijbelcommentaar te bekijken.

Openbaring 3:7 (NLD) »
En schrijf aan den engel der Gemeente, die in Filadelfia is: Dit zegt de Heilige, de Waarachtige, Die den sleutel Davids heeft; Die opent, en niemand sluit, en Hij sluit, en niemand opent:

Jesaja 22:22 (NLD) »
En Ik zal den sleutel van het huis van David op zijn schouder leggen; en hij zal opendoen, en niemand zal sluiten, en hij zal sluiten, en niemand zal opendoen.

Maleachi 1:4 (NLD) »
Ofschoon Edom zeide: Wij zijn verarmd, doch wij zullen de woeste plaatsen weder bouwen; alzo zegt de HEERE der heirscharen: Zullen zij bouwen, zo zal Ik afbreken; en men zal hen noemen: Landpale der goddeloosheid, en een volk, op hetwelk de HEERE vergramd is tot in eeuwigheid.
Job 12:14 (NLD): Context en betekenis
In dit vers uit Job 12 leert de spreker ons Gods soevereiniteit en de menselijke afhankelijkheid erkennen. Job antwoordt op zijn vrienden die zijn ongeluk proberen te verklaren. Hij wijst er op dat God, in Zijn ondoorgrondelijke macht, zowel het fundament van dingen kan schudden als weer kan opbouwen zoals Hij wil. Dit vers benadrukt dat mislukking of voltooiing in menselijke zin geen autonome gebeurtenis is, maar deel van Gods heerschappij en doel."
Kernbetekenis
De tekst brengt een harde realiteit onder ogen: God kan dingen afbreken zodat ze nooit herbouwd worden, en Hij kan beslissen over mensenleven en -daden met zulke finaliteit. Dit laat zien dat menselijke plannen, steden of relaties afhankelijk zijn van Gods wil en dat troost en verontschuldigde uitleg niet automatisch komen wanneer ons begrip tekortschiet. Job spreekt uit ervaring dat er een grens is aan wat de mens kan organiseren; het lot ligt in Gods hand.
Drie thema’s die centraal staan
Kernteksten en kruisverbanden
Een paar verwante gedachten uit de Schrift helpen dit thema te plaatsen:
Praktische reflectie
Wanneer we geconfronteerd worden met verlies of onverwachte wendingen, roept Job 12:14 ons op om niet te snel menselijke verklaringen te zoeken ten koste van God’s eer. Het nodigt uit tot ernstigd vertrouwen: zelfs als dingen afgebroken worden, blijft God de schakelaar in Zijn hand houden. Onze vraag moet zijn: hoe kunnen wij in vertrouwen wachten op Zijn werk, zelfs als het ons begrip te boven gaat?
Samenvatting
Job 12:14 onderstreept Gods ultieme soevereiniteit: Hij kan bouwen en Hij kan afbreken—alles volgens Zijn raad. De les is geen fatalistische passiviteit, maar een oproep tot afhankelijkheid en vertrouwen dat Gods doel zelfs in schijnbaar vernietiging werkt tot heling en orde.
Alinea met oude commentatoren
Matthew Henry wijst eraan dat Gods beslissingen volkomen recht en wijs zijn, zelfs wanneer zij voor mensen begrijpelijk lijken te ontbreken. Albert Barnes beklemtoont dat menselijke stabiliteit nooit een garantie is zonder Gods zegen. Adam Clarke benadrukt de ernst van Gods soevereiniteit en de schijnbare onmacht van menselijke plannen zonder Gods interventie. Samen geven zij een duidelijke lijn: erkenning van Gods heerschappij leidt tot nederigheid en vertrouwen in Zijn doel, zelfs in lijden.
Verbindende referenties
Kruisverwijzingen: Prediker 3:1-8 – tijd en doel; Psalm 46:9 – God’s orde in chaos; Jesaja 45:7 – de Dienaar die over alles regeert. Deze passages verduidelijken dat Gods bestuur door de geschiedenis heen iets is wat ons vertrouwen en gebed voedt.