Old Testament
Genesis Exodus Leviticus Numberi Deuteronomium Jozua Richtere Ruth 1 Samuël 2 Samuël 1 Koningen 2 Koningen 1 Kronieken 2 Kronieken Ezra Nehemia Esther Job Psalmen Spreuken Prediker Hooglied Jesaja Jeremia Klaagliederen Ezechiël Daniël Hosea Joël Amos Obadja Jona Micha Nahum Habakuk Zefanja Haggaï Zacharia MaleachiChapter
Jeremia 1 Jeremia 2 Jeremia 3 Jeremia 4 Jeremia 5 Jeremia 6 Jeremia 7 Jeremia 8 Jeremia 9 Jeremia 10 Jeremia 11 Jeremia 12 Jeremia 13 Jeremia 14 Jeremia 15 Jeremia 16 Jeremia 17 Jeremia 18 Jeremia 19 Jeremia 20 Jeremia 21 Jeremia 22 Jeremia 23 Jeremia 24 Jeremia 25 Jeremia 26 Jeremia 27 Jeremia 28 Jeremia 29 Jeremia 30 Jeremia 31 Jeremia 32 Jeremia 33 Jeremia 34 Jeremia 35 Jeremia 36 Jeremia 37 Jeremia 38 Jeremia 39 Jeremia 40 Jeremia 41 Jeremia 42 Jeremia 43 Jeremia 44 Jeremia 45 Jeremia 46 Jeremia 47 Jeremia 48 Jeremia 49 Jeremia 50 Jeremia 51 Jeremia 52Verse
Jeremia 33:1 Jeremia 33:2 Jeremia 33:3 Jeremia 33:4 Jeremia 33:5 Jeremia 33:6 Jeremia 33:7 Jeremia 33:8 Jeremia 33:9 Jeremia 33:10 Jeremia 33:11 Jeremia 33:12 Jeremia 33:13 Jeremia 33:14 Jeremia 33:15 Jeremia 33:16 Jeremia 33:17 Jeremia 33:18 Jeremia 33:19 Jeremia 33:20 Jeremia 33:21 Jeremia 33:22 Jeremia 33:23 Jeremia 33:24 Jeremia 33:25 Jeremia 33:26



Jeremia 33:26 — Context en betekenis
In Jeremia 33 geeft de Heer Jozua en de keerzijde van zijn beloften aan al Zijn volk. Het gedeelte spreekt over de onwrikbare toezeggingen van God, zelfs wanneer het volk serieuze omwegen bewandelt. Jeremia 33:26 bevestigt dat de Heer Zijn verbond met Jakob, met David en met het zaadelijke lijn van Abrahams zaad niet zal verwerpen, ook niet in tijden van verdrukking en ballingschap. De profetie laat zien dat Gods trouw en genade sterker zijn dan menselijke ontrouw en politieke omwentelingen. De versregel onderstreept de blijvende relatie tussen God en Zijn uitverkoren volk, en geeft hoop dat God zich zal ontfermen en het volk zal herstellen.
Centrale betekenis
Het vers herinnert aan twee kernpunten: (1) Gods verbond is onveranderlijk. Ondanks menselijke zwakheid en historische ontberingen blijft God zich aan Zijn toezeggingen binden. (2) God houdt Zijn macht en zorg vast over het zaad van Jakob en David, wat wijst op een koninklijke en nationaal-betekenisvolle beloftenlijst die doorheen de geschiedenis heen doorwerkt tot verlossing en herstel.
Drie belangrijke thema's
Related passages
Surrounding teksten versterken deze boodschap:
Praktische toepassing
Voor vandaag nodigt deze passage uit tot vertrouwen op onveranderlijke trouw van God, zelfs wanneer omstandigheden donker lijken. Het roept op tot behoud van hoop en trouw aan God, met het besef dat God werkt door geschiedenis heen voor verlossing en genezing van Zijn volk. In het eigen leven kan het betekenen dat men verlost van wanhoop door de zekerheid van Gods besluitvaste genade.
Korte samenvatting
Jeremia 33:26 bevestigt dat God Zijn verbond met Jakob en met het koninklijke huis van David niet zal verbreken. Ondanks ballingschap en weerstand blijft Hij ontferming vergoeden en het volk herstellen. Deze belofte wijst vooruit naar de volle vervulling in Christus, de Ene die Gods koninkrijk in het menselijk proces brengt.
Noten bij bronnen
De beschouwing refereert aan openbare, ouderwetse commentaren die de kern van Gods trouw en de dynastieke belofte benadrukken. Let vooral op de thema’s van onveranderlijke verbondstrouw, koninklijke belofte en genade gericht op herstel. Voor consistente begeleiding kunnen Mattheüs Henry, Albert Barnes en Adam Clarke worden aangehaald, zonder de volledige tekst aan te halen.
Cross-referenties
- Jeremia 31:35-37: bevestiging van het onwankelbare verbond; God zet Zijn schepping als garantie van hoop.
- 2 Samuel 7:12-16: Davidische belofte als basis voor latere beloften.
- Jesaja 9:6-7: voorziening van een rechtvaardige Koning uit het huis van David.