Old Testament
Genesis Exodus Leviticus Numberi Deuteronomium Jozua Richtere Ruth 1 Samuël 2 Samuël 1 Koningen 2 Koningen 1 Kronieken 2 Kronieken Ezra Nehemia Esther Job Psalmen Spreuken Prediker Hooglied Jesaja Jeremia Klaagliederen Ezechiël Daniël Hosea Joël Amos Obadja Jona Micha Nahum Habakuk Zefanja Haggaï Zacharia MaleachiEzra 7:27 Uitleg van het Bijbelvers
Ezra 7:27 Betekenis en uitleg van het Bijbelvers
Geloofd zij de HEERE, de God onzer vaderen, Die alzulks in het hart des konings gegeven heeft, om te versieren het huis des HEEREN, dat te Jeruzalem is.
Ezra 7:27 Bijbelcommentaar bij dit vers
*** Dit commentaar bevat materiaal uit klassieke bronnen die tot het publieke domein behoren. Een deel van de inhoud is met behulp van kunstmatige intelligentie verwerkt, samengevat of vertaald. Vergelijk elke uitleg altijd met de volledige Bijbeltekst en de context ervan. Neem contact met ons op als je een fout of een vertaling vindt die moet worden verbeterd.
Ezra 7:27 Kruisverwijzingen en verwante Bijbelteksten
Bekijk Bijbelteksten die door thema, onderwijs of context met dit vers verbonden zijn. Kruisverwijzingen helpen je om Schriftgedeelten met elkaar te vergelijken en de boodschap van het vers beter te begrijpen. Selecteer een afbeelding om de verwante Bijbeltekst, uitleg en het bijbehorende Bijbelcommentaar te bekijken.

Ezra 6:22 (NLD) »
En zij hielden het feest der ongezuurde broden zeven dagen, met blijdschap; want de HEERE had hen verblijd, en het hart des konings van Assur tot hen gewend, om hun handen te sterken in het werk van het huis Gods, des Gods van Israel.

Openbaring 17:17 (NLD) »
Want God heeft hun in hun harten gegeven, dat zij Zijn mening doen, en dat zij enerlei mening doen, en dat zij hun koninkrijk het beest geven, totdat de woorden Gods voleindigd zullen zijn.

Nehemia 2:12 (NLD) »
Daarna maakte ik mij des nachts op, ik en weinig mannen met mij, en ik gaf geen mens te kennen, wat mijn God in mijn hart gegeven had, om aan Jeruzalem te doen; en er was geen dier met mij, dan het dier, waarop ik reed.
Ezra 7:27 luidt: "Geloofd zij de HEERE, de God onzer vaderen, Die alzulks in het hart des konings gegeven heeft, om te versieren het huis des HEEREN, dat te Jeruzalem is." Deze passage maakt deel uit van Ezras aanwezigheid in Jeruzalem na de terugkeer uit de ballingschap. Ezra schetst hoe God het hart van koning Ahasveros heeft geleid om steun te verlenen aan de herbouw van de tempel en aan de voorziening van rituele en liturgische benodigdheden. Het vers prijst God als de Gever van het hart van de koning, waardoor hij bereid was gunsten te toekennen ten bate van het huis des HEEREN.
De kern van deze regel is te leren dat menselijke autoriteit en rijkdom ten diepste staan onder de soevereiniteit van God. God raakt het hart van de heerser zodat hij zich inzet voor het ordenen van aanbidding en de eerbied voor zijn Naam in Jeruzalem. Het vers viert Gods voorzienigheid: wat mensen doen uit welwillendheid of macht, komt uiteindelijk uit Gods voornemen voort en dient de aanbidding van de levende God.
predijping en volbrachte raad: Neem bijvoorbeeld Psalm 75:7-8, waar Gods hand de beloningen en de loting bestuurt, zodat geen mens zich verrijkt op eigen kracht; zo ook Ezra 7 laat zien dat koninklijke gunsten door God worden ingegeven.
Herinnering aan Gods voorzienigheid: Numeri 24:16-19 en Jeremia 29:11 herinneren eraan dat God plannen heeft die zelfs politieke machten beïnvloeden voor zijn volk.
In ons eigen leven kunnen we leren dat menselijke successen vaak voortkomen uit Gods leiding achter de schermen. Verlangen naar eer en materiële zegeningen behoeft om te buigen naar dankbaarheid jegens God en een toewijding aan zijn doel. Wanneer wij werken aan wat Gods huis ten goede komt, mogen we vertrouwend zien dat God de harten van leiders en mensen om ons heen, en zo ook de omstandigheden, geruime tijd gebruikt voor zijn glorie.
Kort overzicht met kruisverwijzingen:
Ezra 7:27 nodigt uit tot dankbaarheid voor Gods soevereine werking in menselijke betrekkingen. Hij geeft het hart aan koningen en leiders zodat het huis des HEEREN kan standhouden. De tekst overtuigt ons dat aanbidding, orde en voorziening uiteindelijk aan God toevertrouwd zijn en dat zijn zegeningen in ons leven gepaard gaan met verantwoord handelen in dienst van hem.
Geschoolde stemmen uit oude commentarii: Matthew Henry: "God gave the king a grateful heart to promote the rebuilding of the house of God." Albert Barnes: "Divine influence reaches the heart of rulers to accomplish sacred purposes." Adam Clarke: "The verse shows that all good things come by the permission of God, who inspires the will and enables the act."