Deuteronomium 4:47 Betekenis en uitleg van het Bijbelvers

En zijn land in bezitting genomen hadden; daartoe het land van Og, koning van Bazan; twee koningen der Amorieten, die aan deze zijde van de Jordaan waren, tegen den opgang der zon;

Volgende vers
Deuteronomium 4:48 »

Deuteronomium 4:47 Bijbelcommentaar bij dit vers

Betekenis in één zinsverband

Deuteronomium 4:47 wijst aan hoe het volk Israël de erfenis van het land kreeg toegewezen, inclusief het gebied van Og, koning van Bazan, en de twee koningen der Amorieten ten oosten van de Jordaan bij zonsopgang. Het verslag onderstreept Gods toezeggingen die vervuld werden voor Zijn volk in een periode van verovering en inherente rechtmatige toewijzing.

Achtergrond en context

In Deuteronomium herinnert Mozes het volk aan de tijd voordat het de Beloofde Then het land in te nemen. Het noemen van Og en van Bazan plaatst de geschiedenis in de recente veroveringen onder Mozes’ leiderschap, na de overwinning bij de Jordaan. De vermelding van “twee koningen der Amorieten” benadrukt dat dit deel uitmaakt van de grotere campagne waarin de bewoners uit hun gebieden werden verdreven en Israël hun erfdeel ontving.

Interpretatieve notities

- Gods betrokkenheid: Het noemen van de verovering en de koningen toont aan hoe God Zijn beloften aan het nageslacht van Abraham waarmaakt door concrete grenzen en eigenaarschap te vestigen.

- erfdeel en grenzen: Het toewijzen van land verloopt volgens goddelijke orde en geschiedenis; het volk leert te leven onder de structuur van een belofte en een wettelijk erfdeel.

- Jordaan als grens: De oostelijke Jordaan-markering herinnerdt aan de geografische realiteit van de tijd en de noodzakelijkheid van volksorganisatie rond grenzen die door roeping en belofte zijn vastgesteld.

Kernpunten in korte volgorde

  1. God schenkt erfdeel aan Israël als vervulling van belofte.
  2. Het gebied van Og en Bazan vormt een deel van die erfenis.
  3. De overwinning komt te staan tegenover de Amorieten die oostelijk van de Jordaan wonen.

Verbindingen met verwante passages

- Jozua 12:1-24 bespreekt de lijst van veroveringen en bevestigt dat elk gebied aan Israël werd toegewezen als erfdeel.

Toelichting: Het parallelliseert met de genoemde koningen en laat zien hoe de verovering een eerste stap is naar volledige bezit.

- Deuteronomium 3:12-22 behandelt de toekenning van het land aan de stammen, inclusief Bazan, en hoe Mozes de toewijzingen bevestigt voordat Jozua de leiding overneemt.

Toelichting: onderstreept de continuïteit van bestuur en erfdeel van generaties in Gods plan.

Thematisch minioverzicht

  • Gods belofte en vervulling
  • Grenzen als deel van het erfdeel
  • Verkregen land als teken van leiding in de woestijnstijd

Praktisch gevolg

Deze passage wijst ons erop dat God orde geeft in het bestaan van Zijn volk: erfdeel en verantwoordelijkheid gaan hand in hand. Voor de gelovige vandaag betekent dit vertrouwen op Gods belofte en leven naar de grenzen die Hij heeft gesteld, zowel in geestelijk als praktisch opzicht.

Commentaar in parallelle lijn (uit openbare domein):

Matthew Henry: “Het land van Og en Bazan was geen toevallig gebied, maar een deel van Gods plan om Israël tot een volk te maken in relatie en gehoorzaamheid.”

Albert Barnes: “De uitdeling van erfelijk gebied toont Gods zorgvuldige ordening van het volk, met duidelijke plaatsen en grenzen.”

Adam Clarke: “De beschrijving van de koningen der Amorieten herinnert aan de vaste tegenstand die Gods volk ondervindt, maar ook aan Zijn troostteken in de overwinning.”

Korte cross-referenties: Jozua 12:1-24 (veroveringslijst en erfdeel), Deuteronomium 3:12-22 (toewijzing van Bazan en erfdeel), Jozua 24:13 (herinnering aan God’s goede erfdeel).

*** Dit commentaar bevat materiaal uit klassieke bronnen die tot het publieke domein behoren. Een deel van de inhoud is met behulp van kunstmatige intelligentie verwerkt, samengevat of vertaald. Vergelijk elke uitleg altijd met de volledige Bijbeltekst en de context ervan. Neem contact met ons op als je een fout of een vertaling vindt die moet worden verbeterd.

Deuteronomium 4:47 Kruisverwijzingen en verwante Bijbelteksten

Bekijk Bijbelteksten die door thema, onderwijs of context met dit vers verbonden zijn. Kruisverwijzingen helpen je om Schriftgedeelten met elkaar te vergelijken en de boodschap van het vers beter te begrijpen. Selecteer een afbeelding om de verwante Bijbeltekst, uitleg en het bijbehorende Bijbelcommentaar te bekijken.

Numberi 21:33 NLD Afbeelding van een verwant Bijbelvers
Numberi 21:33 (NLD) »
Toen wendden zij zich en trokken op den weg van Basan; en Og, de koning van Basan, ging uit hun tegemoet, hij en al zijn volk, tot den strijd, en Edrei.

Deuteronomium 3:1 NLD Afbeelding van een verwant Bijbelvers
Deuteronomium 3:1 (NLD) »
Daarna keerden wij ons en togen op, den weg van Bazan; en Og, de koning van Bazan, trok uit ons tegemoet, hij en al zijn volk, ten strijde bij Edrei.

Deuteronomium 29:7 NLD Afbeelding van een verwant Bijbelvers
Deuteronomium 29:7 (NLD) »
Toen gij nu kwaamt aan deze plaats, toog Sihon, de koning van Hesbon, uit, en Og, de koning van Bazan, ons tegemoet, ten strijde; en wij sloegen hen.

NLD Kies een Bijbelboek