Old Testament
Genesis Exodus Leviticus Numberi Deuteronomium Jozua Richtere Ruth 1 Samuël 2 Samuël 1 Koningen 2 Koningen 1 Kronieken 2 Kronieken Ezra Nehemia Esther Job Psalmen Spreuken Prediker Hooglied Jesaja Jeremia Klaagliederen Ezechiël Daniël Hosea Joël Amos Obadja Jona Micha Nahum Habakuk Zefanja Haggaï Zacharia MaleachiChapter
Deuteronomium 1 Deuteronomium 2 Deuteronomium 3 Deuteronomium 4 Deuteronomium 5 Deuteronomium 6 Deuteronomium 7 Deuteronomium 8 Deuteronomium 9 Deuteronomium 10 Deuteronomium 11 Deuteronomium 12 Deuteronomium 13 Deuteronomium 14 Deuteronomium 15 Deuteronomium 16 Deuteronomium 17 Deuteronomium 18 Deuteronomium 19 Deuteronomium 20 Deuteronomium 21 Deuteronomium 22 Deuteronomium 23 Deuteronomium 24 Deuteronomium 25 Deuteronomium 26 Deuteronomium 27 Deuteronomium 28 Deuteronomium 29 Deuteronomium 30 Deuteronomium 31 Deuteronomium 32 Deuteronomium 33 Deuteronomium 34Verse
Deuteronomium 20:1 Deuteronomium 20:2 Deuteronomium 20:3 Deuteronomium 20:4 Deuteronomium 20:5 Deuteronomium 20:6 Deuteronomium 20:7 Deuteronomium 20:8 Deuteronomium 20:9 Deuteronomium 20:10 Deuteronomium 20:11 Deuteronomium 20:12 Deuteronomium 20:13 Deuteronomium 20:14 Deuteronomium 20:15 Deuteronomium 20:16 Deuteronomium 20:17 Deuteronomium 20:18 Deuteronomium 20:19 Deuteronomium 20:20



Deuteronomium 20:6 — Context en kernbetekenis
In Deuteronomium 20 bereidt Mozes Israël voor op oorlogsvoering. Het volk wordt aangespoord tot discipline en onderscheid tussen veedelige conflicten en vredige arbeid. Vers 6 plaatst een driestap-vraag voor de reizende reiziger: wie heeft een wijngaard geplant maar geniet er niet van? De tekst gebruikt beeldspraak van het landbouwleven om verantwoordelijkheid en prioriteit te benadrukken. Het beeld wijst erop dat iemand die eigen werk niet onderhoudt, zichzelf tekortdoet en mogelijk onnodig sterft in de strijd. De gedachte is: spaar wat bezit en benut wat God heeft geschonken; onverantwoord beheer kan leiden tot verspilling van het geërfde zegenen.
Kernbetekenis
Het vers weerspiegelt een ethische les over toewijding aan arbeid en toewijding aan de gemeenschap. Een betrokken landbouwer is iemand die zorgdraagt voor wat hij heeft geplant en daarmee ook verbonden blijft met het loon van zijn arbeid. In bredere zin gaat het om verantwoorde inzet: kies niet de weg van gemak, maar onderhoud wat gegeven is, zodat men niet in de strijd verzwakt en anderen het voordeel ontneemt.
Drie thema's
Cross-references (korte toelichting)
- Leviticus 26:3-4:Dictum over zegen en vruchtbaarheid gekoppeld aan gehoorzaamheid; onderstreept dat juiste inzet vrucht voortbrengt. Korte gedachte: God schenkt vrucht als men trouw is aan zijn verbond.
- Matteüs 25:14-30 (Gelijkstuk van de talenten): Waarschuwt dat verspilling en luiheid leiden tot verlies; verantwoorde exploitatie van wat God heeft toevertrouwd is essentieel. Korte gedachte: vrucht dragen vraagt betrokkenheid en zorgvuldigheid.
- Psalm 90:17: De zegen van de Heer rust op het werk van onze handen; aanbevolen is gebed om duurzame zegeningen over het werk. Korte gedachte: dankbaarheid en zegening verbonden met arbeid.
Praktische reflectie voor vandaag
Hoe gaat u om met de talenten, tijd en middelen die God aan u heeft toevertrouwd? Laat dit vers een aansporing zijn om uw dagelijkse arbeid te evalueren: wordt wat God heeft gegeven, onderhouden en benut ten goede van anderen en tot eer van Hem? Sta stil bij de vraag of uw inzet bijdraagt aan de gemeenschap en de toekomst, in plaats van louter zelfverrijking.
Aanvullende samenvatting
Deuteronomium 20:6 nodigt ons uit tot verantwoord en toewijdingvol beheer van wat ons is toevertrouwd. Het is een les in waakzaamheid, nederigheid en trouw aan God’s zegeningen in het dagelijkse werk, zelfs te midden van spanning en strijd.
Toelichtende citaten uit klassieke commentaren (uit publieke domein):
Matthew Henry en Adam Clarke benadrukken dat dergelijke vragen in Deuteronomium de nadruk leggen op predicatieve verantwoordelijkheid en vruchtbaar beheer als uitdrukking van gehoorzaamheid. “De man die een wijngaard geplant heeft, maar de vrucht niet geniet, laat zien dat hij niet gericht is op onderhoud van wat hij heeft begonnen.”