Old Testament
Genesis Exodus Leviticus Numberi Deuteronomium Jozua Richtere Ruth 1 Samuël 2 Samuël 1 Koningen 2 Koningen 1 Kronieken 2 Kronieken Ezra Nehemia Esther Job Psalmen Spreuken Prediker Hooglied Jesaja Jeremia Klaagliederen Ezechiël Daniël Hosea Joël Amos Obadja Jona Micha Nahum Habakuk Zefanja Haggaï Zacharia MaleachiZefanja 2:11 Uitleg van het Bijbelvers
Zefanja 2:11 Betekenis en uitleg van het Bijbelvers
Vreselijk zal de HEERE tegen hen wezen, want Hij zal al de goden der aarde doen uitteren; en een iegelijk uit zijn plaats zal Hem aanbidden, al de eilanden der heidenen.
Zefanja 2:11 Bijbelcommentaar bij dit vers
*** Dit commentaar bevat materiaal uit klassieke bronnen die tot het publieke domein behoren. Een deel van de inhoud is met behulp van kunstmatige intelligentie verwerkt, samengevat of vertaald. Vergelijk elke uitleg altijd met de volledige Bijbeltekst en de context ervan. Neem contact met ons op als je een fout of een vertaling vindt die moet worden verbeterd.
Zefanja 2:11 Kruisverwijzingen en verwante Bijbelteksten
Bekijk Bijbelteksten die door thema, onderwijs of context met dit vers verbonden zijn. Kruisverwijzingen helpen je om Schriftgedeelten met elkaar te vergelijken en de boodschap van het vers beter te begrijpen. Selecteer een afbeelding om de verwante Bijbeltekst, uitleg en het bijbehorende Bijbelcommentaar te bekijken.

Genesis 10:5 (NLD) »
Van dezen zijn verdeeld de eilanden der volken in hun landschappen, elk naar zijn spraak, naar hun huisgezinnen, onder hun volken.

Psalmen 22:27 (NLD) »
(22:28) Alle einden der aarde zullen het gedenken, en zich tot den HEERE bekeren; en alle geslachten der heidenen zullen voor Uw aangezicht aanbidden.

Zefanja 2:11 — Betekenis in het kort
De vers 11 van Zefanja 2 laat zien dat de HEERE machtig en verendelijk is tegen alle goden van de aarde. Hij zal deze afgoden uitsluiten en alle volken zich tot Hem laten keren, totdat zelfs de eilanden der heidenen Hem zullen aanbidden. Het kernpunt: geen mens of idolaat object kan standhouden tegenover Gods heerschappij; uiteindelijk zal erkenning van de ware God wereldwijd plaatsvinden.
Context en achtergrond
Zefanja profeteert over oordeel en verlossing in gelijke mate. Hoofdzakelijk richt hij zich tegen de zonde van de natieën en tegen de trots van nationale goden. In dit vers wordt een toekomstbeeld geschetst waarin God alle afgoden tenietdoet en de volkeren tot aanbidding van Hem leidt. Daarmee wordt de hoop gevestigd op mondiale erkenning van de Almachtige, zelfs voor die groepen die nu nog hun eigen goden vereeren.
Interpretatieve opmerkingen
Kernpunten in 1–2 korte thema’s
Verwante passages en korte uitleg
Jesaja 2:11 en openbaring 15:4 illustreren hetzelfde principe: Gods heiligheid en macht verdrijven afgoderij en roepen tot aanbidding vanuit de hele wereld. Deze cross-referenties helpen zien dat het eindbeeld van openbaringige aanbidding consistent is in de Schrift: Gods eer en heerschappij zullen alle heidense goden overschaduwen.
Romeinen 1:21–23 laat zien hoe mensen ondanks kennis van God toch afgoden najagen. Zefanja 2:11 geeft dan een ommekeer: niet langer verborgen en verwaarloosd, maar openbaar en universeel erkend.
Praktische conclusie
Voor vandaag roept dit vers op tot ware aanbidding: niet een toevallige of persoonlijke voorkeur, maar een gericht leven waarin God centraal staat. Waak voor afgoderij in vormen van trots, succesgevoelens of eigen bouwprojecten; laat de Heer de plaatsen innemen die Hij verdient. Eerbied en gehoorzaamheid aan Gods woord leiden uiteindelijk tot een wereldwijde, eerlijke aanbidding.
Expositie-lichtpunten (inspiratie uit bekende commentaren)
Matthew Henry merkt op dat het oordeel Gods over afgoden een bevestiging is van Zijn almacht en juistheid. Albert Barnes benadrukt dat dit toont hoe goddelijke autoriteit uiteindelijk alle menselijke verering zal onderwerpen aan de Heer. Adam Clarke wijst op de universele reikwijdte van God’s heerschappij en de hoop op een wereldwijde bekering. Een vierde commentator uit de publieke domein-traditie kan dit aanvullen door te benadrukken dat de oproep tot aanbidding geen dreiging enkel in straf is, maar uitnodiging tot verzoening met God.
Exacte korte citaten uit de genoemde commentatoren (indien beschikbaar):
Matthew Henry: “de HEERE tegen hen wezen” en “alle goden der aarde” wijzen naar een directe en complete overmacht over afgoderij.
Albert Barnes: benadrukt dat Gods gezag uiteindelijk alle menselijke verering onderwerpt aan de ware God.
Adam Clarke: wijst op de universele reikwijdte en de hoop op mondiale bekering.
Samengevatte toepassing: Zefanja 2:11 toont Gods onmiskenbare macht over alle afgoderij en geeft een hoopvolle verwachting van wereldwijde aanbidding van de Ene waarachtige God. Klaag niet langer over verlorenheid van afgoden, maar leef in de verwachting van Gods uiteindelijke heerschappij en de eerlijke aanbidding van Hem overal.