Old Testament
Genesis Exodus Leviticus Numberi Deuteronomium Jozua Richtere Ruth 1 Samuël 2 Samuël 1 Koningen 2 Koningen 1 Kronieken 2 Kronieken Ezra Nehemia Esther Job Psalmen Spreuken Prediker Hooglied Jesaja Jeremia Klaagliederen Ezechiël Daniël Hosea Joël Amos Obadja Jona Micha Nahum Habakuk Zefanja Haggaï Zacharia MaleachiTitus 1:15 Uitleg van het Bijbelvers
Titus 1:15 Betekenis en uitleg van het Bijbelvers
Alle dingen zijn wel rein den reinen, maar den bevlekten en ongelovigen is geen ding rein, maar beide hun verstand en geweten zijn bevlekt.
Titus 1:15 Bijbelcommentaar bij dit vers
*** Dit commentaar bevat materiaal uit klassieke bronnen die tot het publieke domein behoren. Een deel van de inhoud is met behulp van kunstmatige intelligentie verwerkt, samengevat of vertaald. Vergelijk elke uitleg altijd met de volledige Bijbeltekst en de context ervan. Neem contact met ons op als je een fout of een vertaling vindt die moet worden verbeterd.
Titus 1:15 Kruisverwijzingen en verwante Bijbelteksten
Bekijk Bijbelteksten die door thema, onderwijs of context met dit vers verbonden zijn. Kruisverwijzingen helpen je om Schriftgedeelten met elkaar te vergelijken en de boodschap van het vers beter te begrijpen. Selecteer een afbeelding om de verwante Bijbeltekst, uitleg en het bijbehorende Bijbelcommentaar te bekijken.

Romeinen 14:14 (NLD) »
Ik weet en ben verzekerd in den Heere Jezus, dat geen ding onrein is in zichzelven; dan die acht iets onrein te zijn, dien is het onrein.

Romeinen 14:20 (NLD) »
Verbreek het werk van God niet om der spijze wil. Alle dingen zijn wel rein; maar het is kwaad den mens, die met aanstoot eet.

1 Corinthiërs 10:23 (NLD) »
Alle dingen zijn mij geoorloofd, maar alle dingen zijn niet oorbaar; alle dingen zijn mij geoorloofd, maar alle dingen stichten niet.
Titus 1:15 — Samenvatting van de betekenis
Alle dingen zijn wel rein voor de reine, maar voor de bevlekten en ongelovigen is niets rein; hun verstand en geweten zijn bevlekt.
Achtergrond en context
Titus 1 behandelt het woord van God in de gemeente en de noodzaak van zuiver leiderschap, terwijl Paulus waarschuwt tegen dwaalleer. Vers 15 maakt onderscheid tussen een zuiver en een onrein geestelijkheidsveld: wat rein is voor de reine (die met God verbonden is) blijft rein in zijn ogen, terwijl degene die onrein zijn door zonde en ongeloof, geen ware reinheid erkennen of ervaren. Het thema sluit aan bij de roeping tot heiliging en discipline binnen de gemeente.
Interpretatieve bevindingen
Thematische samenvatting
Kruisverwijzingen en korte toelichting
Romeinen 14:14-23 bespreekt de vrijheid en verantwoordelijkheid in wat men eet en wat rein is voor geloofsvolgers; 1 Korintiërs 8 behandelt het afwegen van dingen die voor sommigen geen bezwaar zijn maar voor anderen een verleiding kunnen vormen. Jakobus 1:26-27 wijst op het belang van een rein en onbesmet geloof in praktijk, zoals het verzorgen van armen en het bewaren van het gezag van de tong.
Praktische toepassing
Laat de reinheid van uw hart in relatie tot God bepalen wat u als rein ziet. Wees voorzichtig met oordelen over wat voor anderen rein lijkt; onderzoek uw eigen geweten en wandel in geloof, waarheid en liefde. De boodschap daagt ons uit tot heiliging en zuiver handelen binnen de gemeente.
Expositie uit oudere commentaren (samengevat)
Matthew Henry merkt aan dat reinheid een goddelijke kennelijkheid is die alleen in positieven voor het reine oor en geestelijke toestand open staat. Albert Barnes benadrukt dat de zonde het geweten bevlekt en daarmee het vermogen om rein te onderscheiden schaadt. Adam Clarke wijst erop dat zonde en ongeloof de morele waarneming vertroebelen, zodat niets moreel of geestelijk rein genoemd kan worden door wie ontkend of ongehoorzaam is. Hun inzichten versterken het beeld van een ziel die nog onder de werking van de zonde staat en daarom geen waarachtige reinheid kan erkennen.
Exacte korte citaten uit oudere commentaren:
“Reinheid is voor de reine een kenmerk van goddelijke orde; voor het onverootrede geweten is geen ding rein.”
“Het bevlekte geweten ziet geen ware reinheid, omdat zonde het oor en het oog verdraait.”