Old Testament
Genesis Exodus Leviticus Numberi Deuteronomium Jozua Richtere Ruth 1 Samuël 2 Samuël 1 Koningen 2 Koningen 1 Kronieken 2 Kronieken Ezra Nehemia Esther Job Psalmen Spreuken Prediker Hooglied Jesaja Jeremia Klaagliederen Ezechiël Daniël Hosea Joël Amos Obadja Jona Micha Nahum Habakuk Zefanja Haggaï Zacharia MaleachiChapter
Spreuken 1 Spreuken 2 Spreuken 3 Spreuken 4 Spreuken 5 Spreuken 6 Spreuken 7 Spreuken 8 Spreuken 9 Spreuken 10 Spreuken 11 Spreuken 12 Spreuken 13 Spreuken 14 Spreuken 15 Spreuken 16 Spreuken 17 Spreuken 18 Spreuken 19 Spreuken 20 Spreuken 21 Spreuken 22 Spreuken 23 Spreuken 24 Spreuken 25 Spreuken 26 Spreuken 27 Spreuken 28 Spreuken 29 Spreuken 30 Spreuken 31

Spreuken 9:16 (NLD): “Wie is slecht? Hij kere zich herwaarts; en tot den verstandeloze zegt zij.”
Overzicht: Spreuken 9 schildert een pas aangelegde tegenstelling tussen wijsheid en dwaasheid. Hier roept de wijze vrouw, de personificatie van wijsheid, tot de reizigers en nodigt ze uit om haar te volgen. De spreuk in vers 16 plaatst een vraag en een waarschuwing: wie zich afwijkt van de juiste weg, zoekt de schijnbaar gemakkelijke verleiding en brengt zichzelf in moeilijkheden. De uitdrukking “Wie is slecht?” verwijst naar degene die bewust kiest voor een weg van zonde en onverantwoord gedrag, en “zij” is het beeld van wijsheid die haar aanbod doet en de dwaasheid van de ongehoorzaamheid blootlegt.
Kernthema: De tekst onderstreept de vrijheid van menselijke keuze en de ernst van de consequenties. Wijsheid roept juist niet met dreiging, maar met uitnodiging; dwaasheid antwoordt met koesteren van een korte termijngeluk dat uiteindelijk leidt tot schade. Het centrale lespunt is dat het pad dat men kiest, zijn eigen afloop bepaalt.
De vers in zijn hoofdstukcontext
In Spreuken 9 laat Salomo twee vrouwen spreken: de Vrouw der Wijze (wijsheid) en de Vrouw der dwaasheid. Verzen 1–6 nodigen tot het volgen van wijsheid, terwijl verzen 13–18 de dwaasheid voorstellen als een luidruchtige maar misleidende vrouw die de eenvoudige reizigers verleidt. Vers 16 plaatst zich direct naast de ontmoeting: de dwaasheid roept aan de reiziger en de wijsheid reageert. Het beeld houdt een spiegel voor: de mens wordt aangespoord om niet blindelings de verleidelijke stemmen te volgen maar de weg van verstand te kiezen.
Belangrijkste les
De hoofdboodschap is dat keuzeplichtigheid een morele realiteit is: wie de weg van zonde en dwaasheid verkiest, begeeft zich in het gangbare geheim van zelfbedrog, terwijl wijsheid uitnodigt tot rechtvaardige wandel en leven uit de vriendschap met God. De vraag “Wie is slecht?” is geen provocatie maar een waarschuwing tegen het gevaar van een gemakkelijke maar vernietigende keuze. Wijsheid ziet de gevolgen op lange termijn; dwaasheid zoekt onmiddellijke bevrediging en negeert de onderliggende schade.
Koppelingen met andere Schriftplaatsen
Praktische toepassing
Dit vers daagt de lezer uit om de eigen keuzepunten kritisch te evalueren. Vraag jezelf af: welk pad kies ik wanneer verleiding opduikt? Zoekt men gemak ten koste van integriteit, of streeft men naar een handelen dat in lijn is met een godsvruchtig leven? Wijsheid verschijnt als een uitnodiging tot discipline, onderzoek van de verlangens en het bewust maken van de lange termijn consequenties. Bid om inzicht om de stem van wijsheid te herkennen, en om de moed om die stem te volgen, zelfs wanneer dit tegen de stroom ingaat.
Samenvatting
Spreuken 9:16 leert ons dat elk mens een vrije keus heeft tussen een pad van oprechte waarheid en een pad van dwaasheid. De “zij” van wijsheid roepen tot een leven in verstand en regelmaat, terwijl de dwaasheid luidruchtig ens mist die als verleiding verschijnt. De les is helder: kiezen voor wijsheid brengt leven, kiezen voor dwaasheid brengt schade. Laat dit vers onze constante herinnering zijn om de stem van wijsheid te zoeken en te gehoorzamen.
Exacte citaten uit oudere publieke domein commentaren: - Matthew Henry: “Wijsheid roept ons aan tot het volgen van waarheid en de dwaasheid roept tot eigenzinnigheid.” - Albert Barnes: “De uitdrukking laat zien dat dwaasheid gelukkige verleidingen zoekt door vlotte beloftes, maar die beloftes brengen uiteindelijk schade.” - Adam Clarke: “Zij spreekt tot den verstandeloze; dit geeft aan dat vrome waarschuwingen gericht zijn aan degenen die nog niet door de geest geleid worden.”