Old Testament
Genesis Exodus Leviticus Numberi Deuteronomium Jozua Richtere Ruth 1 Samuël 2 Samuël 1 Koningen 2 Koningen 1 Kronieken 2 Kronieken Ezra Nehemia Esther Job Psalmen Spreuken Prediker Hooglied Jesaja Jeremia Klaagliederen Ezechiël Daniël Hosea Joël Amos Obadja Jona Micha Nahum Habakuk Zefanja Haggaï Zacharia MaleachiChapter
Mattheüs 1 Mattheüs 2 Mattheüs 3 Mattheüs 4 Mattheüs 5 Mattheüs 6 Mattheüs 7 Mattheüs 8 Mattheüs 9 Mattheüs 10 Mattheüs 11 Mattheüs 12 Mattheüs 13 Mattheüs 14 Mattheüs 15 Mattheüs 16 Mattheüs 17 Mattheüs 18 Mattheüs 19 Mattheüs 20 Mattheüs 21 Mattheüs 22 Mattheüs 23 Mattheüs 24 Mattheüs 25 Mattheüs 26 Mattheüs 27 Mattheüs 28Verse
Mattheüs 11:1 Mattheüs 11:2 Mattheüs 11:3 Mattheüs 11:4 Mattheüs 11:5 Mattheüs 11:6 Mattheüs 11:7 Mattheüs 11:8 Mattheüs 11:9 Mattheüs 11:10 Mattheüs 11:11 Mattheüs 11:12 Mattheüs 11:13 Mattheüs 11:14 Mattheüs 11:15 Mattheüs 11:16 Mattheüs 11:17 Mattheüs 11:18 Mattheüs 11:19 Mattheüs 11:20 Mattheüs 11:21 Mattheüs 11:22 Mattheüs 11:23 Mattheüs 11:24 Mattheüs 11:25 Mattheüs 11:26 Mattheüs 11:27 Mattheüs 11:28 Mattheüs 11:29 Mattheüs 11:30



Mattheüs 11:26 (NLD) – Immediate setting en kernboodschap
In Mattheüs 11:26 klinken de woorden van Jezus als een gezamenlijk adres aan God de Vader: “Ja, Vader! Want alzo is geweest het welbehagen voor U.” Dit vers volgt direct op een klagende toon over onbegrip en de woede van Israël tegen Zijn wonderen en prediking. De Heer trekt een lijn van vertrouwelijke band met de Vader: wat in Himmelrijp is, is uit liefde en hoederschap geopenbaard aan hen die de waarheid ontvangen. Het is een lofprijzing van het goddelijke besluit, waarin de goddelijke welbehagen centraal staat, onafhankelijk van menselijke waardering of reactie.
Wat dit vers onthult over God en geloof
Het vers benadrukt dat Gods handelen en openbaring niet afhankelijk zijn van menselijke instemming, maar voortkomen uit het welbehagen van de Vader. Het toont een drievoudige kern: - Gods soevereiniteit: de Vader heeft een vooraf bepaalde welbehagen vastgesteld. - Gods genade: Hij deelt de waarheid en openbaring met degenen die Hem begrijpen en aanvaarden. - Gelovig vertrouwen: Jezus spreekt dit uit als een bevestiging van de relatie tussen Zoon en Vader, en als een voorbeeld voor de gelovigen om in vertrouwen te bidden en te aanvaarden wat Christus verkondigt.
Belangrijke woorden en beelden
“Welbehagen” (gr. boulē) wijst op Gods weloverwogen besluit en vreugde in wat Hij ten opzichte van Zijn schepping verricht. De uitdrukking “Ja, Vader” is een gezagsvolle, liefdevolle overgave aan de plan van God. Het komt ook naar voren als een uiting van troost en zekerheid voor degenen die Gods wil zoeken, zelfs wanneer menselijke reacties falen.
Gerelateerde bijbelpassages
Kern van deze verwijzingen: Gods plan wordt geopenbaard aan hen die Hem zoeken, niet aan hen die rekenen op menselijke waardering.
Achtergrond en historische context
In Mattheüs 11:25–27 vergelijkt Jezus Zijn openbaring met het diepere goddelijke welbehagen dat aan de Vader toebehoort. De verzen benadrukken dat kennis van God en erkenning van Christus een gave is, ontvangen door God, en niet uitsluitend afhankelijk van menselijke inzichten.
Toepassing voor vandaag
Lezers worden uitgenodigd om te rusten in het feit dat God’s welbehagen niet schuilt in populariteit of menselijke resultaten. Gelovigen mogen vertrouwen op Zijn plan en zoeken naar Zijn wil, zelfs wanneer de wereld onbegrip toont. De relatie tussen Vader en Zoon biedt een model voor gebed en gehoorzaamheid: openheid, eerbied, en afhankelijkheid van God in alle omstandigheden.
Samengevat
Mattheüs 11:26 bevestigt dat Gods besluit om Zijn openbaring en zegeningen te schenken voortkomt uit Zijn eigen welbehagen. Jezus erkent dit in een warme, vertrouwelijke uiting richting de Vader, als een voorbeeld voor gelovigen om in afhankelijkheid en geloof te leven. De passages uit Romeinen, 1 Korintiërs en Johannes helpen dit te vertalen naar hedendaagse hoop: Gods plan werkt door degenen die Hem zoeken en vertrouwen.