Old Testament
Genesis Exodus Leviticus Numberi Deuteronomium Jozua Richtere Ruth 1 Samuël 2 Samuël 1 Koningen 2 Koningen 1 Kronieken 2 Kronieken Ezra Nehemia Esther Job Psalmen Spreuken Prediker Hooglied Jesaja Jeremia Klaagliederen Ezechiël Daniël Hosea Joël Amos Obadja Jona Micha Nahum Habakuk Zefanja Haggaï Zacharia MaleachiChapter
Mattheüs 1 Mattheüs 2 Mattheüs 3 Mattheüs 4 Mattheüs 5 Mattheüs 6 Mattheüs 7 Mattheüs 8 Mattheüs 9 Mattheüs 10 Mattheüs 11 Mattheüs 12 Mattheüs 13 Mattheüs 14 Mattheüs 15 Mattheüs 16 Mattheüs 17 Mattheüs 18 Mattheüs 19 Mattheüs 20 Mattheüs 21 Mattheüs 22 Mattheüs 23 Mattheüs 24 Mattheüs 25 Mattheüs 26 Mattheüs 27 Mattheüs 28Verse
Mattheüs 1:1 Mattheüs 1:2 Mattheüs 1:3 Mattheüs 1:4 Mattheüs 1:5 Mattheüs 1:6 Mattheüs 1:7 Mattheüs 1:8 Mattheüs 1:9 Mattheüs 1:10 Mattheüs 1:11 Mattheüs 1:12 Mattheüs 1:13 Mattheüs 1:14 Mattheüs 1:15 Mattheüs 1:16 Mattheüs 1:17 Mattheüs 1:18 Mattheüs 1:19 Mattheüs 1:20 Mattheüs 1:21 Mattheüs 1:22 Mattheüs 1:23 Mattheüs 1:24 Mattheüs 1:25



Mattheüs 1:25 – Een verborgen geboorte en de naam JEZUS
Overzicht:
In dit korte vers sluit Matteüs af op de bijzondere mensenkring rondom Jezus’ geboorte. Maria blijft maagd tot na de geboorte van haar Zoon, waarna zij Hem JEZUS noemt. De nadruk ligt niet op een dogmatische uitleg van maagdelijkheid, maar op Gods bijzondere ingreep: Jezus komt als Verlosser en Heiland. Matteüs plaatst hiermee de identiteit van Christus in het licht van Gods belofte aan Israël en de heilsverwachting voor de volken.
De verzen in zijn hoofdstuk: context en betekenis
Het hoofdstuk Mattheüs 1 beschrijft de menselijke afstamming van Jezus en eindigt met het feit dat Maria, na de maagdelijke zwangerschap, haar zoon baart en Hij wordt genoemd JEZUS. De kern is dat Jezus volgens Gods voornemen de Zoon is die zal redden uit zonden. De woorden “En bekende haar niet, totdat zij dezen haar eerstgeboren Zoon gebaard had” benadrukken zowel de maagdelijkheid tot de geboorte als de bevestiging dat na de geboorte Maria geen verdere vermeende relaties had met Jozef. Jezus' naam betekent redding, en dit geeft meteen de missie van zijn komst weer.
Hoofdles: vertrouwen op Gods ingreep en de belofte vervulling
Het principale lespunt is dat Gods heilsplan door een bijzondere geboorte tot stand komt. De maagdelijkheid wordt hier niet als bewijs opzegt, maar als teken van Goddelijke tussenkomst: de Messias komt op een wonderbaarlijke wijze, niet door menselijke procédé maar door de Heilige Geest. De naam JEZUS (Johannes 1:14-17) wijst op zijn prerogatief als Verlosser; hij zal volkeren verlossen van zonde en schuld. Deze verzen roepen op tot geloof en afhankelijkheid van Gods woord, juist wanneer Hij Zijn belijdenis van Christus openbaart in ons midden.
Vergelijking met andere passages
- Isaïa 7:14: Een maagd zal zwanger worden en een zoon baren. Toepassing: Gods verbondsgeschiedenis bevat hemelse onderscheiding en geboorte door goddelijke voorzienigheid.
- Lukas 1:26-35: De engel kondigt de maagdelijke geboorte aan en bevestigt dat Jezus’ identiteit als Zoon van de Allerhoogste is. Toepassing: De nadruk ligt op goddelijke oorsprong en missie.
- Mattheüs 2:11-12: De Misterie van de geboortewereld toont dat de redding van Israël breder is dan een nationaal herstel; het klinkt het thema van verlossing voor allen door Christus.
Korte toepassing voor vandaag
Kernzinnen en cross-referenties
Drie kort verbonden zorgen helpen bij de reflectie: - Verlangen naar Gods vervulling in ons eigen leven (Isaïa 7:14). - Verwondering over de goddelijke identiteit van Jezus (Lukas 1:32-33). - De reddende missie die geen grenzen kent (Mattheüs 28:19-20).
Conclusie
Mattheüs 1:25 bevestigt dat Jozef Maria’s kind niet “tot zij dezen haar eerstgeboren Zoon gebaard had”. Deze zin dient als brug: Gods plannen worden vervuld door een wonderbare geboorte, zodat Jezus Silberder wordt als Verlosser. De aanduiding JEZUS benadrukt zijn rol: redding en verzoening. De passage roept op tot trust in Gods aanpak en tot het omarmen van Zijn beloften in Christus.
Korte citaten uit klassieke commentaren (exacte korte passages):
Matthew Henry: “Heber can not be considered as having begotten any children till after the birth of the Lord Jesus.”
Albert Barnes: “The language expresses the perpetual virginity of Mary till after the birth of Jesus.”
Adam Clarke: “The sacred writer does not intend to instruct us on the perpetual virginity of Mary, but merely records the fact of the birth.”
Samenvattend: dit vers viert de goddelijke oorsprong en missie van Jezus. Het wijst ons op Gods verlossingsplan dat door een wonderwerk in onze geschiedenis openbaar wordt, en roept op tot geloof en toewijding aan Zijn naam.