Old Testament
Genesis Exodus Leviticus Numberi Deuteronomium Jozua Richtere Ruth 1 Samuël 2 Samuël 1 Koningen 2 Koningen 1 Kronieken 2 Kronieken Ezra Nehemia Esther Job Psalmen Spreuken Prediker Hooglied Jesaja Jeremia Klaagliederen Ezechiël Daniël Hosea Joël Amos Obadja Jona Micha Nahum Habakuk Zefanja Haggaï Zacharia MaleachiJozua 9:20 Uitleg van het Bijbelvers
Jozua 9:20 Betekenis en uitleg van het Bijbelvers
Dit zullen wij hun doen, dat wij hen bij het leven behouden, opdat geen grote toorn over ons zij, om des eeds wil, dien wij hun gezworen hebben.
Jozua 9:20 Bijbelcommentaar bij dit vers
*** Dit commentaar bevat materiaal uit klassieke bronnen die tot het publieke domein behoren. Een deel van de inhoud is met behulp van kunstmatige intelligentie verwerkt, samengevat of vertaald. Vergelijk elke uitleg altijd met de volledige Bijbeltekst en de context ervan. Neem contact met ons op als je een fout of een vertaling vindt die moet worden verbeterd.
Jozua 9:20 Kruisverwijzingen en verwante Bijbelteksten
Bekijk Bijbelteksten die door thema, onderwijs of context met dit vers verbonden zijn. Kruisverwijzingen helpen je om Schriftgedeelten met elkaar te vergelijken en de boodschap van het vers beter te begrijpen. Selecteer een afbeelding om de verwante Bijbeltekst, uitleg en het bijbehorende Bijbelcommentaar te bekijken.

Spreuken 20:25 (NLD) »
Het is een strik des mensen, dat hij het heilige verslindt, en na gedane geloften, onderzoek te doen.

Maleachi 3:5 (NLD) »
En Ik zal tot ulieden ten oordeel naderen; en Ik zal een snel Getuige zijn tegen de tovenaars, en tegen de overspelers, en tegen degenen, die valselijk zweren, en tegen degenen, die het loon des dagloners met geweld inhouden, die de weduwe, en den wees, en den vreemdeling het recht verkeren, en Mij niet vrezen, zegt de HEERE der heirscharen.

2 Samuël 21:1 (NLD) »
En er was in Davids dagen een honger, drie jaren, jaar achter jaar; en David zocht het aangezicht des HEEREN. En de HEERE zeide: Het is om Saul en om des bloedhuizes wil, omdat hij de Gibeonieten gedood heeft.
Betekenis in één zin
Jozua 9:20 leert ons dat Israël de Gibeonieten in leven laat om Gods toorn over zichzelf te voorkomen, zelfs als het besluit schijnbaar onrechtvaardig lijkt, omdat het een gevolg is van een eed die zij hebben afgelegd.
Contextueel achtergrond
Het hoofdstuk gaat over de bedrieglijk uitgedaarde Gibeoniten die zich als reizigers voordeden en zo de Israëlieten misleidden. Na verloop van tijd realiseren de Israëlieten dat ze een verbond hebben gesloten met hen, onder valse voorwendsels. Het volk erkent de ernst van een verbond en stelt vast dat ongerechtigheid in de relatie met God ook gevolgen heeft voor de gemeenschap. Het besluit om de Gibeonieten te sparen, blijkt uiteindelijk een stap te zijn die Gods plan dient, ondanks de initiële fout van Israël.
Interpretatieve observaties
Kernpunten in een korte opsomming
Verwevenheid met andere passages
1 Samuel 12:24 – Neem God lief en gehoorzaam, want het is jouw leven en gezondheid dat op het spel staat als je zich aan Zijn woord houdt. Toepassing van het principe: trouw aan beloftes is essentieel voor het wel en wee van de gemeenschap.
Numeri 30:2 – Als een man een eed aflegt, moet hij die naleven. De tekst onderstreept de geldigheid en de last van beloftes, een thema dat door Jozua 9:20 heen loopt.
Psalm 15:4 – De trouw aan een verbond boven de menselijkheid; wie zwoer en standvastig blijft, zal in de hemelse orde aanbevelen.
Korte praktische conclusie
De tekst herinnert ons dat gehoorzaamheid aan eeden en beloftes cruciaal is voor de volksgemeenschap. Soms vereist wijsheid en mildheid een moeilijke afweging, maar trouw aan God en aan onze woord beloont de gemeenschap met vrede en bescherming tegen Gods toorn. Bid om eerlijkheid en standvastigheid wanneer je voor lastige keuzes staat, zodat je handelen getuigt van goddelijke orde en genade.
Toelichting op eerdere commentaren
Matthew Henry benadrukt dat God orde houdt over de belofte die Zijn volk heeft afgelegd, zodat Zijn toorn niet over hen komt. Albert Barnes merkt op dat de eerbied voor de eed soms boven menselijke gevoelens moet worden geplaatst. Adam Clarke wijst erop dat de keuze van Israël uiteindelijk Gods voorzienigheid diende, zelfs als het menselijk oordeel vraagtekens oproept. Een vierde opinie legt de nadruk op de morele wending: het bewaren van de naaste en het vermijden van onrecht binnen de gemeenschap.
Opmerking over citaten uit de publieke domeincommentatoren: Er zijn korte gedeelten uit Matthew Henry, Albert Barnes en Adam Clarke mogelijk geciteerd in bredere discussies; specifieke korte uitspraken uit deze drie genoemd zijn hier niet volledig herhaald, maar hun strekking wordt in de samenvatting teruggevoerd en weerspiegeld in de interpretatieve kern van deze uitleg.