Old Testament
Genesis Exodus Leviticus Numberi Deuteronomium Jozua Richtere Ruth 1 Samuël 2 Samuël 1 Koningen 2 Koningen 1 Kronieken 2 Kronieken Ezra Nehemia Esther Job Psalmen Spreuken Prediker Hooglied Jesaja Jeremia Klaagliederen Ezechiël Daniël Hosea Joël Amos Obadja Jona Micha Nahum Habakuk Zefanja Haggaï Zacharia MaleachiChapter
Genesis 1 Genesis 2 Genesis 3 Genesis 4 Genesis 5 Genesis 6 Genesis 7 Genesis 8 Genesis 9 Genesis 10 Genesis 11 Genesis 12 Genesis 13 Genesis 14 Genesis 15 Genesis 16 Genesis 17 Genesis 18 Genesis 19 Genesis 20 Genesis 21 Genesis 22 Genesis 23 Genesis 24 Genesis 25 Genesis 26 Genesis 27 Genesis 28 Genesis 29 Genesis 30 Genesis 31 Genesis 32 Genesis 33 Genesis 34 Genesis 35 Genesis 36 Genesis 37 Genesis 38 Genesis 39 Genesis 40 Genesis 41 Genesis 42 Genesis 43 Genesis 44 Genesis 45 Genesis 46 Genesis 47 Genesis 48 Genesis 49 Genesis 50Verse
Genesis 18:1 Genesis 18:2 Genesis 18:3 Genesis 18:4 Genesis 18:5 Genesis 18:6 Genesis 18:7 Genesis 18:8 Genesis 18:9 Genesis 18:10 Genesis 18:11 Genesis 18:12 Genesis 18:13 Genesis 18:14 Genesis 18:15 Genesis 18:16 Genesis 18:17 Genesis 18:18 Genesis 18:19 Genesis 18:20 Genesis 18:21 Genesis 18:22 Genesis 18:23 Genesis 18:24 Genesis 18:25 Genesis 18:26 Genesis 18:27 Genesis 18:28 Genesis 18:29 Genesis 18:30 Genesis 18:31 Genesis 18:32 Genesis 18:33



Genesis 18:32 — Een bescheiden vraag om genade
Kernbetekenis: Abram pleit nogmaals bij de Heer voor Sodom en vraagt om genade als er tien rechtschapenen te vinden zouden zijn; Gods antwoord bevestigt dat Hij niet zal verderven om slechts tien(en) wil.
Achtergrond en context
Genesis 18 beschrijft de omgang van Abraham met de Here in nabijheid van de drie boodschappers. Abraham heeft zojuist plechtig gebeden voor de stad Sodom en vroeg of de Heer die rechtvaardigen zou sparen. Hij beperkt de aantallen telkens: eerst tot tien, daarna tot vijf, als hij verder had gepast. Deze passage toont zowel de genadige bereidheid van God om hoffelijk en geduldig te luisteren als de menselijke afhankelijkheid van de rechtvaardige onderling relatie tot God.
Interpretatieve observaties
Kerntekstverwante overdenkingen
Cross-referenties helpen het thema te plaatsen:
Toepassing in het dagelijkse geloof
Deze passage herinnert ons eraan dat gerechtigheid in de gemeenschap prioriteit heeft en dat geloof in Gods barmhartigheid ons aanspoort tot bidden voor anderen. Intercessie kan soms een stap van vertrouwen betekenen—niet alleen voor het individu maar voor de hele samenleving.
Samenvatting
Abraham blijft pleiten voor berouw en gerechtigheid, hopend dat het goede zal overheersen. God reageert met ingetogen voorzichtigheid: Hij zal niet verderven omwille van tien, als die aantallen gerechtigden aanwezig zijn. De boodschap blijft actueel: bidden om genade en handelen naar gerechtigheid zijn kernpunten van een leven in relatie met God.
Korte praktische takeaway