Old Testament
Genesis Exodus Leviticus Numberi Deuteronomium Jozua Richtere Ruth 1 Samuël 2 Samuël 1 Koningen 2 Koningen 1 Kronieken 2 Kronieken Ezra Nehemia Esther Job Psalmen Spreuken Prediker Hooglied Jesaja Jeremia Klaagliederen Ezechiël Daniël Hosea Joël Amos Obadja Jona Micha Nahum Habakuk Zefanja Haggaï Zacharia MaleachiDaniël 10:7 Uitleg van het Bijbelvers
Daniël 10:7 Betekenis en uitleg van het Bijbelvers
En ik, Daniel, alleen zag dat gezicht, maar de mannen, die bij mij waren, zagen dat gezicht niet; doch een grote verschrikking viel op hen, en zij vloden, om zich te versteken.
Daniël 10:7 Bijbelcommentaar bij dit vers
*** Dit commentaar bevat materiaal uit klassieke bronnen die tot het publieke domein behoren. Een deel van de inhoud is met behulp van kunstmatige intelligentie verwerkt, samengevat of vertaald. Vergelijk elke uitleg altijd met de volledige Bijbeltekst en de context ervan. Neem contact met ons op als je een fout of een vertaling vindt die moet worden verbeterd.
Daniël 10:7 Kruisverwijzingen en verwante Bijbelteksten
Bekijk Bijbelteksten die door thema, onderwijs of context met dit vers verbonden zijn. Kruisverwijzingen helpen je om Schriftgedeelten met elkaar te vergelijken en de boodschap van het vers beter te begrijpen. Selecteer een afbeelding om de verwante Bijbeltekst, uitleg en het bijbehorende Bijbelcommentaar te bekijken.

Handelingen 9:7 (NLD) »
En de mannen, die met hem over weg reisden, stonden verbaasd, horende wel de stem, maar niemand ziende.

Genesis 3:10 (NLD) »
En hij zeide: Ik hoorde Uw stem in den hof, en ik vreesde; want ik ben naakt; daarom verborg ik mij.

Ezechiël 12:18 (NLD) »
Mensenkind, gij zult uw brood eten met beven, en uw water zult gij met beroerte en met kommer drinken.
Daniël 10:7 – Een gezicht voor Daniël, maar niet voor de anderen
In dit vers uit Daniël hoofdstuk 10 bevindt Daniël zich in gebed enWeek voor begrip van openbaring. Hij ziet een gezicht van een verheven engel die hem te spreken komt, terwijl de twaalf bij hem staande mannen dat gezicht niet zien. Desondanks voelen zij een hevige verschrikking en vluchten zij om zich te verbergen. Dit toont duidelijk de scheidslijn tussen menselijk gezichtsvermogen en de werkelijkheid van bovennatuurlijke aanwezigheid: wat Daniël ziet, botst met wat de anderen ervaren, maar beiden worden geraakt door dezelfde goddelijke gebeurtenis.
Het vers benadrukt de transcendente aard van goddelijke openbaring: God werkt op manieren die voor mensen zichtbaar en voelbaar zijn, maar vaak onbegrijpelijk blijven voor degenen die niet direct betrokken zijn bij de boodschap. Daniël ontvangt een visioen van een verheven engel; de mannen die bij hem waren ervaren alleen de verschrikking en de angstige gevolgen, zonder het direct zichtbare gezicht te zien. Dit onderstreept ook dat gebedsverstaan en openbaring gepaard kunnen gaan met innerlijke stabiliteit bij de geadresseerde, terwijl anderen schrik en vlucht vertonen.
- Een parallel met openbaringservaringen in Jesaja 6 en Markus 4, waar het heilig gezichtsveld afzonderlijk ervaren wordt en angst oproept bij anderen. - In Daniël 8–9 stijgt de urgentie van de visioenen en de respons van Daniël in gebed en afhankelijkheid van God. - In Lukas 1 zien we hoe engelen boodschappen brengen die vreemd en ontzagwekkend zijn voor de mens, terwijl de mens in geloof antwoordt.
Deze passage moedigt aan om in gebed en afhankelijkheid te leven wanneer het werk van God ongrijpbaar lijkt voor anderen. Wanneer wij Gods leiding mogen ontvangen, kan dit ons innerlijk rust geven, zelfs als de buitenwereld verstoord of verwonderd raakt. Laat ons bidden om begrip en Standvastigheid te behouden, ook wanneer de wereld het visioen niet deelt.
Daniël 10:7 laat zien dat goddelijke openbaring individueel kan zijn: Daniël ziet het gezicht van de engel, terwijl zijn metgezellen de verschrikking voelen maar dat gezicht niet zien. Dit onderstreept de diepe werkelijkheid van de bovennatuurlijke invasie in het menselijke bestaan, en roept op tot vertrouwen en gehoorzaamheid in het aangezicht van het onbekende.
Cross-referenties met korte uitleg: - Jesaja 6: openbaring van het heilige gezelschap en de menselijke verslagenheid; troost en roeping volgen het aanschouwen van God. - Daniël 8–9: groeiende visioenen en de noodzaak tot gebed en afhankelijkheid van God. - Lukas 1: engelen brengen blijde boodschappen die voor velen vreemd en overweldigend zijn, maar geroepen is om geloof te reageren.
Verwijzingen naar oude commentaren (samengevat): Matthew Henry wijst op de scheidslijn tussen bedienaarskennis en menselijke ervaring, Albert Barnes benadrukt de heilige aard van verschijningen die angst veroorzaken, Adam Clarke wijst op de bijzondere voorziening voor Daniël als een teken van Gods nabijheid in gebed en visie. De combinatie van deze inzichten geeft een geïntegreerde kijk op openbaring en menselijke reactie.