Old Testament
Genesis Exodus Leviticus Numberi Deuteronomium Jozua Richtere Ruth 1 Samuël 2 Samuël 1 Koningen 2 Koningen 1 Kronieken 2 Kronieken Ezra Nehemia Esther Job Psalmen Spreuken Prediker Hooglied Jesaja Jeremia Klaagliederen Ezechiël Daniël Hosea Joël Amos Obadja Jona Micha Nahum Habakuk Zefanja Haggaï Zacharia Maleachi2 Timotheüs 3:17 Uitleg van het Bijbelvers
2 Timotheüs 3:17 Betekenis en uitleg van het Bijbelvers
Opdat de mens Gods volmaakt zij, tot alle goed werk volmaaktelijk toegerust.
2 Timotheüs 3:17 Bijbelcommentaar bij dit vers
*** Dit commentaar bevat materiaal uit klassieke bronnen die tot het publieke domein behoren. Een deel van de inhoud is met behulp van kunstmatige intelligentie verwerkt, samengevat of vertaald. Vergelijk elke uitleg altijd met de volledige Bijbeltekst en de context ervan. Neem contact met ons op als je een fout of een vertaling vindt die moet worden verbeterd.
2 Timotheüs 3:17 Kruisverwijzingen en verwante Bijbelteksten
Bekijk Bijbelteksten die door thema, onderwijs of context met dit vers verbonden zijn. Kruisverwijzingen helpen je om Schriftgedeelten met elkaar te vergelijken en de boodschap van het vers beter te begrijpen. Selecteer een afbeelding om de verwante Bijbeltekst, uitleg en het bijbehorende Bijbelcommentaar te bekijken.

2 Timotheüs 2:21 (NLD) »
Indien dan iemand zichzelven van deze reinigt, die zal een vat zijn ter ere, geheiligd en bekwaam tot gebruik des Heeren, tot alle goed werk toebereid.

Efeziërs 2:10 (NLD) »
Want wij zijn Zijn maaksel, geschapen in Christus Jezus tot goede werken, welke God voorbereid heeft, opdat wij in dezelve zouden wandelen.

2 Corinthiër 9:8 (NLD) »
En God is machtig alle genade te doen overvloedig zijn in u; opdat gij in alles te allen tijd, alle genoegzaamheid hebbende, tot alle goed werk overvloedig moogt zijn.
2 Timotheüs 3:17 – Een volledige toebuiging voor het dienstwerk
God werkt zodat Zijn mens volmaakt is, perfect toegerust voor elk goed werk. De Schrift geeft aan dat de ziel van de gelovige door de Schrift en de Geest getraind wordt, opdat hij in alle gerechtigheid en moedige dienstbaarheid kan handelen.
Achtergrond en context: In de brief aan Timotheüs waarschuwt Paulus tegen mensen met een kwalijk karakter en tegen dwaalleer. Timotheüs wordt aangespoord om standvastig te blijven in de leer en in de bediening. Dit vers volgt uit een beschrijving van de samenstelling van de mensen in de eindtijd en de nodige houding van geestelijke leiders. De wijze waarop God Zijn volk toerust, is niet een menselijk protocol maar een goddelijke bediening waardoor het volk volledig uitgerust raakt om goed te doen.
Interpretatieve aantekeningen: - De uitdrukking “Gods volmaakt zij” duidt niet op een absolute volmaaktheid van elke mens hier en nu, maar op een voltooiing in de capaciteit om het goede te doen binnen het geloofsleven en de bediening. - “Tot alle goed werk” verwijst naar een breed spectrum van dienstbaarheid—onderwijs, bemoeting, vindingrijk heilige wandel, en het toezicht houden op de zaak van het geloof. - De toereikendheid komt door de Schrift, de heilige Geest en de onderwijzing van de gemeenschap in Christus; het is een proces van groei en gereedmaking voor de dienst aan God en medemensen.
Thema’s in het kort:
Verbindende passages (korte uitleg):
Historische stemmen in één adem genoemd (verkorte citaten): - Matthew Henry benadrukt: “God heeft het voorzien dat Zijn dienaar door Zijn Woord volmaakt en geschikt wordt voor elk werk.” - Albert Barnes wijst erop dat de volmaking niet een hoogste volmaaktheid op zichzelf is, maar een praktische gereedheid voor dienst in de gemeenschap van gelovigen. - Adam Clarke onderstreept dat de genade, onderwijzing en disciplinair werken van God de ziel bereiden voor alle noodzakelijke arbeid in Zijn koningrijk.
Praktische conclusie: Leef onder de verantwoording van de Schrift, laat Gods Woord je vormen en toerusten voor wat er in de dienst aan Hem en de naaste verlangt. Sta consequent in geloof, gehoorzaamheid en tederheid, zodat elk goed werk in liefde kan voortvloeien.
Cross-referenties uitgelegd: - Ef. 4:11–13 laat zien dat volmaaktheid in dienst begint bij opbouw van de gemeente; hierdoor kunnen discipelen vol vertrouwen groeien tot de gestelde maat van Christus. - 2 Tim. 2:21 suggereert dat reinheid en beschikbaarheid de voorwaarden zijn voor gereedheid tot arbeid in Gods huis. - Hebr. 13:21 biedt een zegenende afsluiting: God zal u volmaken tot al het goede werk, naar Zijn wil en in standvastig handelen.