Old Testament
Genesis Exodus Leviticus Numberi Deuteronomium Jozua Richtere Ruth 1 Samuël 2 Samuël 1 Koningen 2 Koningen 1 Kronieken 2 Kronieken Ezra Nehemia Esther Job Psalmen Spreuken Prediker Hooglied Jesaja Jeremia Klaagliederen Ezechiël Daniël Hosea Joël Amos Obadja Jona Micha Nahum Habakuk Zefanja Haggaï Zacharia MaleachiChapter
1 Koningen 1 1 Koningen 2 1 Koningen 3 1 Koningen 4 1 Koningen 5 1 Koningen 6 1 Koningen 7 1 Koningen 8 1 Koningen 9 1 Koningen 10 1 Koningen 11 1 Koningen 12 1 Koningen 13 1 Koningen 14 1 Koningen 15 1 Koningen 16 1 Koningen 17 1 Koningen 18 1 Koningen 19 1 Koningen 20 1 Koningen 21 1 Koningen 22Verse
1 Koningen 4:1 1 Koningen 4:2 1 Koningen 4:3 1 Koningen 4:4 1 Koningen 4:5 1 Koningen 4:6 1 Koningen 4:7 1 Koningen 4:8 1 Koningen 4:9 1 Koningen 4:10 1 Koningen 4:11 1 Koningen 4:12 1 Koningen 4:13 1 Koningen 4:14 1 Koningen 4:15 1 Koningen 4:16 1 Koningen 4:17 1 Koningen 4:18 1 Koningen 4:19 1 Koningen 4:20 1 Koningen 4:21 1 Koningen 4:22 1 Koningen 4:23 1 Koningen 4:24 1 Koningen 4:25 1 Koningen 4:26 1 Koningen 4:27 1 Koningen 4:28 1 Koningen 4:29 1 Koningen 4:30 1 Koningen 4:31 1 Koningen 4:32 1 Koningen 4:33 1 Koningen 4:34


Waarom deze regel telt: Baana, zoon van Husai
1 Koningen 4:16 zet een korte, maar betekenisvolle naam in beeld: Baana, de zoon van Husai, was in Aser en in Aloth. Op het eerste gezicht lijkt dit een triviële aanduiding van territoriale tentakels in het bestuur van Salomo. Toch onthult het vers een onderstroom van thema’s die centraal staan voor de wijze organisatie van koninklijk gezag en de integere werking van het rijk: familiebanden, regionale verantwoordelijkheid, en de zichtbare orde die nodig is voor het dagelijks bestuur van een grootheelrijk onder Gods zegen.
Originele context
Het hoofdstuk 4 van 1 Koningen beschrijft Salomo’s gang van zaken en de administratieve verdeling van het rijk. Gedurende deze passage worden de hoge functionarissen genoemd – rechters, opzichters, en kapiteins – die elk gebied van het land toebehoren. Baana, zoon van Husai, wordt genoemd als een van deze functionarissen in de noordelijke gebieden Aser en Aloth. Deze vermelding bevestigt dat Salomo’s administratieve structuur lokaal verankerd was, met betrouwbare mensen uit diverse stammen en steden. Het toont bovendien een netwerk van familie- en verbondenheden dat de stabiliteit van het koninkrijk moest waarborgen.
Hoofdboodschap en relevante thema’s
Belangrijke lijnen in dit vers zijn:
In lijn hiermee worden de principes van rechtmatige leiding, toeverlaat in de verantwoordelijke personen, en de orde die een koning nodig heeft, bevestigd door de bredere literatuur van Koningen waar het gaat om hoe Salomo zijn rijk organiseerde onder Gods toezicht.
Kernwoorden en sleutelfiguren
Baana (zoon van Husai) dient als voorbeeld van’t belang om mensen met erfelijke of relationele band te plaatsen in dienende posities die betrouwbaar zijn en bekend staan om hun toewijding aan het welzijn van het volk. Husai zelf is een oudere naam in de geschiedenis (bekend uit andere gedeelten als iemand die zich in dienst stelde van het volk), wat de continuïteit van dienstbare inzet onderstreept.
Kruisverwijzingen
Zie voor vergelijkbare thema’s naar:
Toepassing en devotionele reflectie
Deze korte vermelding roept ons op tot waardering van ordelijk bestuur en betrouwbaarheid in verantwoordelijkheden die aan ons toevertrouwd worden. In ons eigen leven geldt dat wie we ook dienen – in het gezin, op de werkplek, of in kerkelijke dienst – trouw en competentie tonen, een constructieve basis leggen voor rust en voorspoed. Laat ons bidden om leiding die geworteld is in integriteit, en om mensen die, net als Baana, in hun specifieke plaatsen dienstbaar zijn aan het grotere doel van gerechtigheid en zorg voor elkaar.
Korte afsluitende gedachte
Het opmerkelijke aan deze tekst is minder wat er letterlijk gebeurt en meer wat het impliceert: een structuur waarin betrouwbaarheid en regionale betrokkenheid samengaan om het koninklijke werk te dragen. Zo wordt gehoor gegeven aan de roeping om orde te brengen in een complex geheel, onder Gods soevereine leiding.